DNA-onderzoek naar depressie levert nieuwe inzichten op

Facebooktwitterlinkedinmail

dna gen depressie

3 augustus 2016 – In het menselijk genoom, het geheel van alle genen die alle erfelijke informatie bevatten, zijn bij een grootschalig onderzoek vijftien plekken gevonden die verband lijken te houden met een ernstige depressie, zo meldt scientias.nl

Het is veruit het meest grootschalige DNA-onderzoek naar depressie ooit. Onderzoekers bogen zich over de gegevens van meer 300.000 mensen, waaronder meer dan 75.000 mensen met een depressie. Uit het onderzoek rollen geheel nieuwe inzichten die een beter beeld geven van de biologie die aan depressie ten grondslag ligt. Zo zijn er in het menselijk genoom vijftien verschillende plekken ontdekt die verband houden met depressie.

Depressie is wereldwijd een groot probleem en wordt gekenmerkt door vermoeidheid, stemmingswisselingen, slaapproblemen en een gebrek aan eetlust. Naar schatting hebben zo’n 350 miljoen mensen op aarde ermee te maken.

Genen
Het is al lang bekend dat genen een rol spelen bij de ontwikkeling van een depressie. Maar hoe groot is hun rol? En welke genen zijn er precies bij betrokken? Wetenschappers proberen dat al een tijdje uit te zoeken. Zo werd in 2013 een DNA-onderzoek onder 17.000 mensen met depressie uitgevoerd. Maar verrassend genoeg werd er geen enkel verband gevonden tussen genen en depressie. Hoe kan dat? In eerste instantie dachten onderzoekers dat de onderzochte groep mensen te klein was. Of misschien werden verschillende vormen van depressie onterecht op één hoop gegooid en lukte het daarom niet om genen aan te wijzen die met een depressie samenhingen?

Een specifieke bevolkingsgroep misschien?
Misschien, zo bedacht een onderzoeker vorig jaar, moeten we ons in onderzoek naar depressies ook richten op een specifieke bevolkingsgroep. En dus zette hij een DNA-onderzoek op onder 10.000 ernstig depressieve Chinezen. Het leverde twee genvarianten op die verband leken te houden met depressie. Maar die varianten bleken weer geen invloed te hebben op de kans dat Europeanen een depressie opliepen.

Lastig
Wat deze eerdere onderzoeken in ieder geval duidelijk maakten, was dat het lastig is om depressies te onderzoeken. Waarschijnlijk dragen vele genen bij aan het ontwikkelen van een depressie. En daarnaast spelen ook omgevingsfactoren een rol.

De ontdekking leidt niet direct tot nieuwe behandelingen. De onderzoekers hopen dat hun studie bijdraagt aan een beter begrip van de biologie die aan depressie ten grondslag ligt. Die informatie is van grote waarde als we depressies in de toekomst willen voorkomen. Maar mogelijk leidt de informatie ook tot betere diagnoses en behandelingen.

Bron en uitgebreider artikel : scientias.nl

Dit bericht is 1834 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail