Onze geest dwaalt bijna de helft van de tijd

Facebooktwitterlinkedinmail

19 maart 2024 –  Hoe komt het toch dat er zoveel meer condities zijn voor een gelukkiger leven dan vroeger, maar mensen zich vaak op negatieve aspecten van het leven blijven concentreren? Daarover schreef Michael Vlerick een boek, Waarom we niet gelukkiger zijn en geeft ons tevens handvatten om tevreden mensen te worden binnen onze mogelijkheden.

‘Hoewel onderzoek naar geluk redelijk nieuw is, blijkt duidelijk dat terwijl onze levensomstandigheden over de laatste decennia enorm zijn verbeterd, geluk weliswaar ook groeide, maar niet proportioneel is meegestegen. Dat komt door twee belangrijke psychologische kenmerken die we bezitten. Ten eerste hebben we een enorme focus op alles wat slecht gaat in ons leven. Dat hielp onze voorouders bedreigingen detecteren. Maar vandaag verzuurt het vooral de ervaring van ons leven. Bij afwezigheid van echte problemen, maken we daardoor kleine problemen veel groter dan ze werkelijk zijn. Ten tweede wennen we razendsnel aan verbeterde omstandigheden.’

Hoe onderzoek je onderwerp als geluk?
‘In mijn werk pas ik evolutieleer toe op belangrijke filosofische vragen. In mijn laatste boek ‘Waarom we niet gelukkiger zijn’ gebruik ik deze voor de oeroude vraag ‘hoe kunnen we gelukkig zijn’? Daarvoor steunde ik op onderzoek in verschillende wetenschappelijke domeinen, zoals biologie en psychologie maar ik keek ook naar belangrijke levensbeschouwelijke en filosofische tradities, zoals het boeddhisme en stoïcisme. Tijdens mijn onderzoek begon ik ook met meditatie en andere gelukspraktijken en dat had een ingrijpende impact. Ik ondervond er grote voordelen van en het werd een doorleefd deel van mijn boek.’

Waarom is ons op positieve zaken richten zo moeilijk?
‘De menselijke geest heeft een ontzettend grote verbeelding, waardoor we gemiddeld genomen 47 procent van onze tijd niet bij het heden gericht zijn. Onze geest is dus voortdurend aan het dwalen. En wanneer onze geest dwaalt dan is dat vooral over mogelijke problemen. Dan zijn we aan het piekeren. In de gevaarlijke en onvoorspelbare omgeving van onze voorouders hielp dat met het anticiperen op bedreigingen en zo te overleven. Vandaag kwelt het ons vooral. Uit onderzoek blijkt dat we ons beter voelen zelfs wanneer we saaie repetitieve taken verrichten dan wanneer onze gedachten dwalen.

En dan kom ik bij die andere belangrijke reden waarom we niet gelukkiger zijn: we wennen aan verbeterde omstandigheden. Dat heet hedonische adaptatie. Je wilt gelukkig worden en denkt dat dat gaat gebeuren als je iets nieuws aanschaft, een auto, een huis of een kledingstuk bijvoorbeeld. Maar daar wen je heel snel aan en dan wil je weer naar een volgende aankoop om gelukkig te worden. Alleen zal dat nooit gebeuren. Die houding leidt tot chronische onverzadigbaarheid en ontevredenheid. En de commercie speelt daar heel handig op in door allerlei niet bestaande noden te creëren.’

En dan kom ik bij die andere belangrijke reden waarom we niet gelukkiger zijn: we wennen aan verbeterde omstandigheden. Dat heet hedonische adaptatie. Je wilt gelukkig worden en denkt dat dat gaat gebeuren als je iets nieuws aanschaft, een auto, een huis of een kledingstuk bijvoorbeeld. Maar daar wen je heel snel aan en dan wil je weer naar een volgende aankoop om gelukkig te worden. Alleen zal dat nooit gebeuren.

‘Onze moderne omgeving – met de nooit aflatende deadlines en drukte – zorgt bij veel mensen ook voor een chronische stressrespons. Onze gezondheid en ons mentaal welzijn lijden daaronder. Verslavingen zijn ook iets waar we vandaag geregeld mee kampen. Om het euforische effect van een kortstondige dopaminepiek te ervaren (in onze evolutionaire geschiedenis kwam dat bijvoorbeeld vrij bij voedselvergaring), zoeken we onze toevlucht in alcohol, drugs en social media. Dat zorgt ervoor dat de natuurlijke dopamineproductie gaat dalen, waardoor we ons slechter voelen en steeds heviger hunkeren naar een volgende dosis. Zo komen we in een negatieve spiraal terecht.

Eenzaamheid is ook een gevaar dat op de loer ligt in moderne samenlevingen. In de prehistorie leefden mensen in groepen van ongeveer 150 naasten met wie ze dagelijks innige contacten hadden. Vandaag leven we met meer mensen dan ooit op elkaar gepakt. Maar ironisch genoeg zijn we nog nooit zo eenzaam geweest. Naar schatting lijdt een volwassene op drie aan eenzaamheid.’

Wat moeten we doen om gelukkiger in het leven te staan?
‘In het tweede deel van mijn boek laat ik zien wat we kunnen doen om ons geluk ingrijpend en permanent te verhogen. We kunnen werken aan drie belangrijke pijlers.

Ten eerste kunnen we gelijkmoedigheid ontwikkelen. Stel je voor: je krijgt op weg naar je werk een klapband. Wat volgt, is wellicht een stressopstoot en een eindeloze reeks alarmistische gedachten die je stress- en frustratieniveau verder de hoogte in jaagt. ‘Ik kom nooit op tijd!’ ‘Waarom overkomt mij dit altijd?!’ … Die gedachten verlengen de stressreactie en zo blijven we in de greep van negatieve emoties. Onderzoek toont aan dat een stressreactie niet langer dan 90 seconden duurt als je die niet voedt. Gelijkmoedig gedachten en emoties observeren en die dus niet te voeden is de kern van het boeddhisme en de sleutel van mindfulness. Je kunt dit oefenen met meditatie en dit dan doortrekken naar het leven. In een serene gemoedstoestand kun je trouwens problemen beter oplossen dan als je in de greep bent van hevige emoties.

Verder is het van belang tevredenheid te ontwikkelen: door te beseffen dat zaken waar we naar hunkeren ons niet duurzaam gelukkig zullen maken. Het zijn ‘valse wortels’, ze verzadigen ons niet.
– Michael Vlerick

Verder is het van belang tevredenheid te ontwikkelen: door te beseffen dat zaken waar we naar hunkeren ons niet duurzaam gelukkig zullen maken. Het zijn ‘valse wortels’, ze verzadigen ons niet. Tevredenheid kun je oefenen door bijvoorbeeld dagelijks drie goede zaken voor de geest halen waar je blij mee bent. Dan train je je brein om zich te richten op het goede. De stoïcijnen hadden een bijzonder krachtige praktijk om tevredenheid te ontwikkelen. Ze stelden zich allerlei rampen voor die hen niet waren overkomen, waardoor je bijzonder dankbaar wordt voor je leven precies zoals het is.

Wat heel duidelijk blijkt uit het onderzoek naar geluk is dat externe omstandigheden een veel kleinere impact hebben op ons geluk dan we denken. Om gelukkiger te worden moet je vooral aan jezelf werken. Dat betekent stoppen met jezelf bijvoorbeeld voor te houden dat je alleen gelukkig zal zijn als je promotie hebt behaald. Want daaraan wen je in de kortste keren en dan hunker je weer naar het volgende. Uit onderzoek blijkt zelfs dat bijzonder succesvolle mensen niet bovengemiddeld gelukkig zijn en zelfs vaker ten prooi vallen aan verslavingen en depressies. Natuurlijk kun je ambities hebben, maar houd je niet voor dat je enkel gelukkig kan zijn als je die ambities verwezenlijkt. Dat is niet waar en die gedachte staat je geluk juist in de weg.

Tot slot zijn hechte sociale relaties van groot belang voor ons welbevinden. Uit de langstlopende studie naar geluk die in 1948 startte en een grote groep mensen hun hele leven volgde, blijkt dat het hebben van die banden de beste voorspeller van geluk is. Het gaat niet om hoeveel vrienden je hebt, maar om de innigheid van die relaties. We zijn uiteindelijk sociale dieren en in onze evolutionaire geschiedenis betekende sociale isolatie je doodvonnis. Eenzaamheid veroorzaakt chronische stress, het zorgt voor heel veel psychologisch leed en het werkt zelfs levensbekortend. Je kan dus het best van je dichte sociale relaties een prioriteit maken.’

Boek
Michael Vlericks boek verscheen bij Lannoo. 

Bron: tilburguniversity.edu

 

 

Dit bericht is 944 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail