Meer aandacht nodig voor hoogbegaafdheid in de ggz

Facebooktwitterlinkedinmail

14 mei 2024 – Naar schatting is 5 tot 12 procent van alle patiënten in de ggz hoogbegaafd. Toch worden mensen met hoogbegaafdheid lang niet altijd herkend, met alle schadelijke gevolgen van dien. Rogier Poels, gezondheidspsycholoog en psychotherapeut wil daar verandering in brengen. Wat is het, hoe herken je het en hoe ga je ermee om in je behandeling? ‘Leren kijken met de ‘HB-bril’, dat is belangrijk’, aldus Rogier.

” Een van de grootste problemen is het risico op een verkeerde diagnose Enerzijds omdat er weinig kennis is over hoogbegaafdheid, anderzijds omdat bepaalde HB-kenmerken overeenkomen met de symptomen van verschillende stoornissen zoals ADHD of een autismespectrumstoornis”, aldus Rogier Poels , gezondheidspsycholoog en psychotherapeut.

Rogier kwam tijdens een masterclass hoogbegaafdheid bij RINO Zuid voor het eerst met het thema in aanraking. Daarin herkende hij zoveel, zowel bij zichzelf als bij zijn cliënten, dat hij er zich er sinds 2017 volledig in is gaan specialiseren in zijn eigen praktijk. Inmiddels is het zijn missie om de kwaliteit van behandelingen voor hoogbegaafde cliënten te vergroten en zorgprofessionals te scholen op het gebied van hoogbegaafdheid bij volwassenen in de ggz.

Een snelle en slimme denker
Hoogbegaafdheid is een ondergeschoven kindje in de ggz, weet Rogier. ‘Er is weinig wetenschappelijk onderzoek beschikbaar en in de opleidingen komt het helemaal niet aan bod. Toch zijn er wel handvatten. Zo geven onder andere het model van Mönks en het Delphi-model houvast voor herkenning en behandeling. In het Delphi-model wordt een hoogbegaafd persoon beschreven als: ‘Een snelle en slimme denker die complexe zaken aankan. Autonoom, gedreven en nieuwsgierig van aard. Een sensitief en emotioneel mens, intens levend. Hij of zij schept plezier in creëren’.

Rogier: ‘Het Delphi-model beschrijft heel precies kenmerken van hoogbegaafdheid. Waaronder de autonomie, de gedrevenheid en het rijkgeschakeerde gevoelsleven wat veel hoogbegaafden hebben. Het is de basis van hun zijn en tegelijkertijd kunnen deze eigenschappen een reden worden dat ze in de maatschappij vastlopen. Hoewel is aangetoond dat hoogbegaafdheid een positieve invloed heeft op het welzijn, ontstaat er vaak een mismatch met de omgeving. Dat kan leiden tot een verstoord zelfbeeld (‘ik ben dom’), terugtrekken (‘ik ben te veel’), overschreeuwen, het vertonen van narcistische trekken of aanpassend en vermijdend gedrag (onderpresteren).’

 Risico van verkeerde diagnose
‘Ook in de ggz worden hoogbegaafden niet altijd begrepen’, zegt Rogier. ‘Behandeladviezen als: ‘Je moet gewoon dit of dat wat minder doen, je maakt het te complex’, zijn voorbeelden waar een hoogbegaafde niets mee kan. Ze kunnen vaak niet anders, intensiteit zit in de hardware van hun zijn. Als ze zich proberen aan te passen, verloochenen ze zichzelf. Een van de grootste problemen is het risico op een verkeerde diagnose. Enerzijds omdat er weinig kennis over hoogbegaafdheid is, anderzijds omdat bepaalde HB-kenmerken overeenkomen met de symptomen van verschillende stoornissen, zoals ADHD of een autismespectrumstoornis (ASS).’

Omdat het soms moeilijk differentiëren is tussen hoogbegaafdheid en deze ontwikkelingsstoornissen kan het volgens Rogier helpen een ‘HB-bril’ op te zetten. ‘In mijn praktijk probeer ik iemand eerst te begrijpen vanuit de lens van hoogbegaafdheid. Ook als mensen met herkenbare klachten als een burn-out, conflicten op het werk en/of eenzaamheid zich aanmelden kan er toch sprake zijn van hoogbegaafdheid. Meer specifieke klachten waarmee ze komen zijn: verdwalen in perfectionisme, intens voelen, zelfbeeldproblemen en een (over)gevoeligheid voor prikkels, medicijnen en allergieën.’

Goed op HB-gedrag letten
Met kennis en ervaring over hoogbegaafdheid kun je sneller de hypothese van hoogbegaafdheid onderzoeken. Ook minder ervaren behandelaren kunnen dat leren. Volgens Rogier is het vooral belangrijk om op specifiek HB-gedrag te letten. ‘Hoogbegaafden zijn vaak nieuwsgierig, praten veel en hebben een kritische instelling, juist ook richting de behandelaar. Ze hebben een bepaalde mate van intensiteit, kunnen van de hak op de tak springen en maken veel associaties. Voor sommige hoogbegaafden zijn deze dingen zo normaal en zo begrijpelijk dat ze niet begrijpen dat anderen dat niet kunnen begrijpen.’

Net als het leren herkennen van hoogbegaafdheid vindt Rogier HB-sensitief werken belangrijk. Wat heeft een HB’er nodig? Hierbij is het volgens hem van belang te beseffen dat hoogbegaafdheid geen diagnose is. Rogier: ‘Uit recent onderzoek blijkt dat HB niet leidt tot meer psychische klachten en zelfs een beschermende factor kan zijn. Als hoogbegaafden een goed idee hebben over hoe hoogbegaafdheid bij hen speelt, kunnen ze betere keuzes maken. Waar kunnen ze werken, hoe kunnen ze met hun talenten aan de slag, zijn er gelijkgestemden en krijgen ze gepaste uitdagingen?’ Andere onderdelen van behandeling zijn: aandacht voor zelfkennis (hoe ben ik HB?), zelfontplooiing (bijvoorbeeld inzetten van creativiteit) en context: in welke grond komt iemand tot zijn recht?’

Wel of geen IQ-test
Ondanks het feit dat hoogbegaafdheid ‘officieel’ pas wordt vastgesteld bij mensen met een IQ boven de 130, is testen niet altijd nodig, vindt Rogier. ‘Er zijn hardliners die vinden dat je pas hoogbegaafd bent als dat uit een test komt. Toch kunnen er allerlei redenen zijn waarom het er niet uitkomt. Voor sommige mensen is dat dan teleurstellend. Maar de mogelijkheid om een test te doen is er altijd. Naast duidelijkheid kan een IQ-test veel nuttige informatie geven over het intelligentieprofiel. Maar hoogbegaafdheid is veel meer dan een IQ-score.’

Herkenning en erkenning cruciaal
Rogier raadt zorgprofessionals in ieder geval aan om meer kennis op de doen over hoogbegaafdheid. Dat kan onder andere bij het instituut hoogbegaafdheid volwassenen en het Landelijk Kennisnetwerk Psychiatrie en Hoogbegaafdheid (LKPHB). ‘. ‘Meer kennis over dit onderwerp is van essentieel belang omdat het stellen van misdiagnoses bij hoogbegaafden zeer schadelijk is en zelfs fatale gevolgen kan hebben. Herkenning en erkenning van hoogbegaafdheid is cruciaal’, aldus Rogier.

Bron akwaggz.nl

Dit bericht is 1243 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail