Mentale gezondheidsvaardigheden cruciaal voor welzijn van studenten

Facebooktwitterlinkedinmail

21 januari 2021 – Studentenwelzijn in het hoger onderwijs vereist een integrale aanpak: een op alle studenten gerichte gezondheidsbenadering die universiteiten en hogescholen integreren in hun curriculum én waarbij mentale gezondheid de basis vormt voor welzijn en studiesucces van studenten – tijdens hun studie en daarna. Preventie staat voorop, en zowel een ‘sense of belonging’ als mentale gezondheidsskills zijn cruciaal. Dit stelt Jolien Dopmeijer in haar promotieonderzoek.

‘Studenten die zich thuis voelen aan hun universiteit of hogeschool en die persoonlijk leiderschap kunnen tonen in hun mentale gezondheid, leren beter omgaan met het vaak veeleisende studentenleven. Zo kunnen burn-outklachten worden voorkomen’, aldus Dopmeijer, die werkzaam is bij het Trimbos-instituut en hogeschool Windesheim. Ze promoveert op vrijdag 5 februari aan de Universiteit van Amsterdam.

‘Het studentenleven wordt vaak de mooiste tijd van je leven genoemd, maar veel studenten ervaren hun studietijd juist als moeilijk en stressvol. Meer dan ooit draait het om voldoen aan hoge verwachtingen: goede cijfers halen, een mooi cv opbouwen en een druk sociaal leven hebben’, vertelt Dopmeijer. ‘Mentale gezondheidsproblemen komen veel voor onder studenten. Zo ervaart meer dan de helft van de studenten angst- en somberheidsklachten. De problemen leiden vaak tot studievertraging en -uitval. Maar door verschillen in screening en diagnostiek is het lastig de problemen goed te kunnen voorspellen en te interpreteren, en dus om tot een goede aanpak te komen. Met mijn onderzoek hoop ik daar verandering in te brengen.’

Van screening en diagnostiek naar bewustmaking
Dopmeijer keek onder meer naar de impact van prestatiedruk, eenzaamheid en je thuis voelen op de drie dimensies van burn-out: emotionele uitputting, distantie en (verminderde) competentie. Prestatiedruk en eenzaamheid hangen samen met alle drie de dimensies, maar de mate waarin een student zich thuis voelt – de sense of belonging – hing het sterkst samen met alle dimensies en kan het meest bijdragen aan het welzijn van studenten.

Riskant drinkgedrag speelt ook een rol in het welzijn van studenten. Er was echter nog geen ‘gouden standaard’ voor het screenen van studenten met riskant drinkgedrag, met het risico op problematisch drinken of alcoholafhankelijkheid. Dopmeijer vond dat het screeningsinstrument AUDIT-C, een verkorte versie van het door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) ontwikkelde AUDIT, geschikt is voor de doelgroep studenten. Daarnaast onderzocht Dopmeijer of psychosociale problemen, zelfvertrouwen en persoonlijkheidskenmerken van studenten voorspellend zijn voor studievertraging of -uitval, en ontwikkelde een model hiervoor.

‘Het meest zorgwekkende in de huidige situatie is misschien wel dat de meerderheid van de studenten met psychosociale problemen geen hulp krijgt’ zegt Dopmeijer. ‘Studenten blijken weinig stigma te ervaren, maar tegelijkertijd staan ze weinig positief tegenover open zijn over hun problemen en daadwerkelijk hulp zoeken. Daar moet meer aandacht voor komen binnen het hoger onderwijs. Voorlichtingsprogramma’s kunnen het bewustzijn vergroten over psychische problemen en het beschikbare hulpaanbod.’

Geïntegreerde benadering
Dopmeijer brengt haar deelresultaten samen in een geïntegreerde benadering, voortbouwend op het landelijke Actieplan Studentenwelzijn. De benadering is gericht op alle studenten en bestaat uit vijf pijlers:

  1. Preventie en vroege identificatie: screening en assessment van de mentale gezondheid van studenten, risicofactoren en studiesucces;
  2. Bevordering van mentale gezondheidscompetenties: programma’s en interventies met betrekking tot veerkracht en betrokkenheid;
  3. Positief en ondersteunend studieklimaat: focus op activiteiten die de ‘sense of belonging’ bevorderen;
  4. Training en counseling van medewerkers en online middelen om hen uit te rusten om studenten te kunnen ondersteunen;
  5. Individuele en gerichte interventies, ook voor specifieke doelgroepen, zoals eerstegeneratiestudenten, mantelzorgende studenten, internationale studenten en LHBTQ-studenten.

‘De aandacht van het Nederlandse hoger onderwijs voor het mentale welzijn van studenten is de laatste jaren gelukkig sterk toegenomen, maar we zijn er nog niet’, aldus Dopmeijer. ‘De geïntegreerde aanpak vraagt om aanpassing van de heersende onderwijsvisies, met meer aandacht voor de ontwikkelingsstadia waarin studenten hun identiteit vormen. De problematiek overstijgt – zowel in oorzaken als oplossingen – het onderwijs en de individuele student. Dit maakt het vooral ook de verantwoordelijkheid van de Nederlandse overheid, met name van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.’

Over Dopmeijer
Dopmeijer is projectleider Studenten bij het Trimbos-instituut en docent en onderzoeker bij het Teachers College van hogeschool Windesheim. Vanaf de start van haar promotietraject aan de UvA in 2014 is zij betrokken bij verschillende initiatieven die zich richten op studentenwelzijn, zoals het Actieplan Studentenwelzijn. Hieruit is het Landelijk Netwerk Studentenwelzijn opgericht, waarvan Dopmeijer bestuurslid is.

Het onderzoek werd gefinancierd door NWO, hogeschool Windesheim en de Universiteit van Amsterdam.

Promotiegegevens
Jolien Dopmeijer: Running on Empty. The Impact of Challenging Student Life on Wellbeing and Academic Performance. Promotor is prof. dr. R.W.H.J. Wiers (UvA); copromotoren zijn dr. J.M. de Jonge (Hogeschool van Amsterdam) en mr. dr. R.H.L.M. Bovens (Tilburg University).

Tijd en locatie
De promotie van Jolien Dopmeijer vindt online plaats op vrijdag 5 februari, om 14.00 uur.

Webinar
Op donderdag 11 februari organiseert Dopmeijer vanuit het Trimbos-instituut een webinar waarin zij de voorgestelde integrale aanpak toelicht en in gesprek gaat met anderen over het concretiseren hiervan binnen de onderwijspraktijk.

Bron: uva.nl

Dit bericht is 441 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail