Kabinet wil ggz anders organiseren: meer ruimte voor mensen met EPA

5 oktober 2026 – Het kabinet wil de geestelijke gezondheidszorg de komende jaren anders gaan organiseren. Mensen met ernstige psychische problemen en complexe hulpvragen moeten sneller passende zorg kunnen krijgen. Tegelijkertijd wil het kabinet voorkomen dat mensen met lichtere psychische klachten automatisch in de ggz terechtkomen.

Dat staat in de Toekomstbrief mentale gezondheid en ggz, die het kabinet op 2 oktober naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Volgens het kabinet hebben eerdere plannen om de wachtlijsten terug te dringen onvoldoende resultaat gehad. Ondanks hogere uitgaven en veel inspanningen wachten nog steeds mensen op zorg die deze soms dringend nodig hebben.

Niet iedereen heeft individuele ggz nodig
Een belangrijke verandering is dat individuele behandeling niet langer vanzelfsprekend het antwoord moet zijn op iedere psychische hulpvraag. Het kabinet stelt dat ondersteuning ook buiten de ggz kan plaatsvinden, bijvoorbeeld via het sociaal domein, werk, school of het eigen netwerk.

Daarbij moet volgens het kabinet beter worden gekeken naar de ernst en complexiteit van de hulpvraag. Schaarse capaciteit moet vooral beschikbaar zijn voor mensen die intensieve of specialistische zorg nodig hebben. Groepsbehandeling en andere vormen van ondersteuning kunnen voor sommige mensen een alternatief zijn voor individuele behandeling.

Het kabinet benadrukt tegelijkertijd dat mensen met ernstige psychische problematiek nu juist regelmatig tussen wal en schip vallen. Zorgaanbieders werken nog te vaak langs elkaar heen en financieringsstromen kunnen samenwerking bemoeilijken. Daardoor ontbreekt soms een passende plek voor mensen met complexe problemen.

Meer aandacht voor preventie
De plannen zijn opgebouwd rond drie lijnen: voorkomen, verbreden en prioriteren en sturen.

Bij preventie wil het kabinet meer aandacht voor mentale gezondheid in het dagelijks leven. Scholen, werkgevers, buurten en online omgevingen moeten meer bijdragen aan het voorkomen en vroeg signaleren van psychische problemen.

Ook komt er een nieuwe Richtlijn Mentale Gezondheid. Het Trimbos-instituut ontwikkelt deze richtlijn in opdracht van het kabinet. Daarin moet op basis van wetenschappelijke kennis worden beschreven wat mensen zelf kunnen doen om hun mentale gezondheid te behouden of te verbeteren. Het kabinet verwacht de richtlijn eind 2027.

Zorg en sociaal domein moeten meer samenwerken
Een tweede belangrijke pijler is het doorbreken van de grenzen tussen de ggz, huisartsenzorg en het sociaal domein. Niet iedere hulpvraag vraagt immers om een behandeling. Soms zijn problemen met bijvoorbeeld wonen, werk, schulden of sociale contacten belangrijker.

Het kabinet wil daarom onder meer het Ecosysteem Mentale Gezondheid (GEM) in de praktijk verder testen. Daarin staat niet de diagnose centraal, maar de leefwereld van iemand en wat nodig is om te herstellen en mee te doen in de samenleving. Ervaringsdeskundigen, professionals en andere betrokkenen werken daarbij samen rond de persoon en diens omgeving.

Ook wordt onderzocht of een gezamenlijk regiobudget kan helpen om ondersteuning en zorg vanuit verschillende domeinen beter op elkaar af te stemmen.

Schaarse ggz-capaciteit moet anders worden ingezet
De derde lijn gaat over het maken van scherpere keuzes. Volgens het kabinet groeit de vraag naar ggz sneller dan het beschikbare aanbod. Tegelijkertijd is er onvoldoende aanbod voor mensen met ernstige psychische problemen en complexe hulpvragen. Dat draagt bij aan lange wachttijden en schrijnende situaties.

Het kabinet wil daarom onder meer groeps- en hybride behandelingen vaker inzetten en meer gebruikmaken van digitale mogelijkheden. Ook wordt onderzocht hoe eerder kan worden vastgesteld welke behandelingen werken en wanneer een andere vorm van hulp passender is.

Voor de acute ggz en beveiligde bedden worden vanaf 2027 praktijktoetsen gestart waarbij wordt onderzocht of omzetplafonds kunnen worden losgelaten. Het doel is te voorkomen dat financiële grenzen de toegang tot noodzakelijke zorg beperken.

Veranderingen moeten vanaf 2027 zichtbaar worden
Het kabinet wil de plannen niet alleen op papier uitwerken, maar verschillende veranderingen eerst in de praktijk testen. De vormgeving van deze praktijktoetsen moet in het voorjaar van 2027 klaar zijn. De bedoeling is dat alle toetsen in de loop van 2027 starten. Onafhankelijke partijen moeten de resultaten evalueren.

De toekomstbrief is daarmee geen directe oplossing voor de huidige wachtlijsten, maar vooral een koerswijziging. Het kabinet erkent dat structurele veranderingen tijd kosten, terwijl mensen die nu op een wachtlijst staan niet kunnen wachten op een stelselwijziging. De ambitie is daarom om tegelijkertijd op korte termijn maatregelen te nemen en op langere termijn de organisatie en financiering van de ggz te veranderen.

Bron:  overheid.nl

Dit bericht is 2 keer gelezen.