Minder ongecontracteerde zorg tast keuzevrijheid van de patient aan

Facebooktwitterlinkedinmail

21 november 2018 – In het kader van de stijgende zorgkosten wil het ministerie van VWS ongecontracteerde zorg ontmoedigen. Het NIP pleit juist voor gecontracteerde zorg met betere voorwaarden voor de professional.

Het NIP ontving in op 9 november jl. november een brief van VWS inzake Ongecontracteerde zorg: Bevorderen contracteren (pdf). De daaropvolgende dag publiceerde de Volkskrant een artikel: Kabinet wil vergoeding omlaag voor zorg buiten verzekeraar om (10 november 2018).

Deze geplande communicatie maakt duidelijk hoe belangrijk het kabinet het vindt dat zorgaanbieders en verzekeraars meer contracten afsluiten. Publiek draagvlak is hiervoor een voorwaarde: het doel is immers om minder ongecontracteerde zorg aan te bieden zonder dat de keuzevrijheid voor consumenten in het geding komt.

Betere voorwaarden voor de professional

Het NIP heeft in de voorbereiding op het Hoofdlijnenakkoord ggz meegewerkt aan het rapport ‘Ongecontracteerde Zorg’ (zie de kamerbrief, 17 juli 2018). Het NIP heeft daarbij steeds benadrukt dat contractering prima is, op voorwaarde dat het voor beide kanten voordeel oplevert en dat er sprake is van een gelijk speelveld. En dat het verlenen van zorg zonder prijsafspraken minder moet lonen voor beide partijen.

De in de kabinetsbrief sterk benadrukte ‘stok’ om contractering af te dwingen is niet wat het NIP heeft ingebracht. Juist andersom: zorg dat het voor aanbieders aantrekkelijk(er) wordt om een contract met een zorgverzekeraar aan te gaan. Met andere woorden: kabinet, ga voor de ‘wortel’:

  • betere tarieven (zeker geen tarieven onder de kostprijs)
  • beloning van kwaliteit
  • geen plafonds die wachtlijsten veroorzaken
  • minder administratieve lasten

Contractvrijheid

In de komende maanden zal duidelijk worden wat het kabinet concreet bedoelt met ‘het stimuleren van contractering’ door het zorgverzekeraars toe te staan ‘het zorgaanbieders lastiger maken om niet-gecontracteerde zorg te leveren’ en ‘dit indien nodig dit in de wetgeving te verankeren’.

Het NIP volgt deze ontwikkelingen nauwgezet, voor zowel NIP-leden die wél een contract aangaan, als voor leden die dat niet willen of kunnen of mogen. De keuzevrijheid van de patiënt staat mogelijk op het spel, maar ook de contractvrijheid.

Bron: psynip.nl

Dit bericht is 825 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail