Depressie, schizofrenie of ADHD niet vast te stellen met fMRI-scan

Facebooktwitterlinkedinmail

15 juni 2020 – Een tegenvallen voor wetenschappers die trachten tekenen in de hersenen  te vinden waarmee aangetoond kan worden of een patiënt een depressie, schizofrenie of ADHD heeft. Een fMRI-scan van hersenactiviteit is te onbetrouwbaar om daar op individueel niveau uitspraken over te kunnen doen. De hersenactiviteit is daarvoor te grillig, zo blijkt uit onderzoek aldus de Volkskrant.

De onderzoekers van Amerikaanse Duke University bekeken de data van 56 onderzoeken gebruik gemaakt werd van fMRI-scans van hersenen.  Daaruit bleek dat de hersenen van een persoon op een zelfde afbeelding of taak anders reageren bij herhaling van het onderzoek na vier maanden. Er lijkt daardoor nauwelijks verband te leggen tussen een eerste en een tweede scan.

Vanaf 1992 is er onderzoek gedaan met behulp van de fMRI-techniek te kijken naar het brein in actie.  Dit leidde tot voorzichtige conclusies over de hersenen .  Een minder actieve hippocampus bij mensen met depressie bijvoorbeeld.  Maar als de hersenen zelden twee keer hetzelfde reageren is  de grillige hersenactiviteit dus geen goede methode om diagnoses mee te stellen.

Ook  hoogleraar toegepaste cognitieve neurowetenschappen Alexander Sack van Maastricht University geeft aan dat  fMRI-scans onvoldoende bewijs levert om op individueel niveau uitspraken te doen.

fMRI

De fMRI-scan is een variant op de MRI-scan. Met functionele MRI kan de plaats van hersenactiviteit bepaald worden. Er wordt een 3D-afbeelding van de hersenen gemaakt, waarbij te zien is waar en wanneer in de hersenen hersenactiviteit plaatsvindt. Als deze gebieden actief zijn, is er meer doorbloeding van zuurstofrijk bloed; met fMRI wordt dat afgebeeld.

DefMRI kan van belang zijn voor fundamenteel hersenonderzoek, maar ook voor het inschatten van risico’s bij neurochirurgische ingrepen. In tegenstelling tot MRI, die alleen de ligging en grootte van een orgaan weergeeft, kan met fMRI de plaats van de hersenactiviteit worden bepaald. Tijdens een MRI moet de patiënt stilliggen en tijdens een fMRI moet de patiënt dan ook opdrachten uitvoeren. Een groot voordeel van fMRI is dat deze onderzoekstechniek bijna geen belasting is voor de patiënt en er wel een beeld van  de hersenen in actieve toestand verkregen kan worden.

Bron en uitgebreid artikel: Volkskrant.nl

Dit bericht is 740 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail