NZa: contractering in de GGZ moet nog verder verbeteren

Facebooktwitterlinkedinmail

30 juni 2022 – De Nederlandse Zorgautoriteit constateert in de gepubliceerde monitor Contractering GGZ 2022 opnieuw dat er nog ruimte is voor verbetering.

In het hoofdlijnenakkoord 2019–2022 is afgesproken dat de NZa de ontwikkeling van de contractering in de ggz monitort. Vanwege het aflopen van het hoofdlijnenakkoord ggz 2019-2022 is dit de laatste monitor van de contractering in de ggz in de huidige vorm. Ondertussen is in de zorg een brede beweging naar passende zorg op gang gekomen, over de grenzen van de verschillende zorgvormen heen. Ook in de ggz, waar de wachttijden al jaren lang zijn, is het van groot belang dat aanbieders en verzekeraars samenwerken om patiënten tijdig passende ggz zorg te bieden. In het regeerakkoord kondigt het kabinet aan dat het vanaf 2023 met alle zorgsectoren in de Zvw een integraal hoofdlijnenakkoord wil sluiten. Dit kan bijdragen aan een integrale benadering van sector-overstijgende vraagstukken. Ook voor de ggz betekent dit dat aanbieders, zorgprofessionals en verzekeraars waar nodig met andere partijen afspraken moeten maken over kwaliteit, samenwerking in de regio, digitalisering en preventie. De contractering, liefst op basis van meerjarenafspraken, blijft daarin een belangrijk instrument. Vanuit de NZa blijven we de contractering dan ook monitoren.

Totstandkoming van deze monitor

De monitor 2022 is gebaseerd op informatie uit de vragenlijsten die zorgverzekeraars en zorgaanbieders hebben ingevuld. Die is aangevuld met informatie uit de analyses van ggz-contracten die aanbieders en verzekeraars voor 2022 hebben afgesloten. We hebben de uitvraag voor deze monitor gedaan in februari en maart, toen er nog veel contractonderhandelingen liepen. De respons op de vragenlijst was daarom misschien ook lager dan voorgaande jaren. Van de instellingen vulden 52 de vragenlijst in, naast 77 vrijgevestigde zorgaanbieders. De gezamenlijke jaaromzet 2021 in de Zorgverzekeringswet van de instellingen die de vragenlijst hebben ingevuld omvat met 1,1 miljard euro maar 30% van de omzet in de sector. Vorig jaar was dat 60%. Een aantal grote instellingen heeft de vragenlijst bovendien niet ingevuld.

Van de zorgverzekeraars hebben 8 van de 10 de vragenlijst ingevuld. Omdat partijen over een deel van de contracten nog onderhandelden, is de informatie uit de contracten niet compleet. Het is van belang om er bij het lezen van dit rapport rekening mee te houden dat het onderzoek niet representatief is voor de hele ggz. We zullen de lezer daar in het verdere verloop van deze monitor nog enkele malen aan herinneren. Toch bevat het rapport volgens ons voldoende aanknopingspunten tot verbetering van het proces en de inhoud van de contracten.

Invoering zorgprestatiemodel

2022 was en is in de ggz een spannend jaar, zowel voor zorgaanbieders als voor zorgverzekeraars. Zij hebben eerst samen met veel energie en betrokkenheid de invoering van het zorgprestatiemodel per 1 januari 2022 gerealiseerd. In het eerste jaar waarin zij binnen dit nieuwe model contracten sluiten spelen een aantal onzekerheden een rol. De regelgeving is nieuw en levert op sommige punten discussies op. Ook speelt zowel bij zorgverzekeraars als zorgaanbieders mee dat de effecten van het zorgprestatiemodel nog onduidelijk zijn. Die onzekerheid leidde in de aanloop naar het zorgprestatiemodel al tot het afnemen van het aantal meerjarenafspraken. Uit ons onderzoek blijkt dat aanbieders en verzekeraars – zoals verwacht – voor 2022 bijna geen meerjarencontracten hebben afgesloten.

Het contracteerproces is door een aantal factoren later op gang gekomen. Een daarvan was dat er nog geen overeenstemming was over enkele belangrijke punten in de regelgeving. Dertien procent van de respondenten noemt het zorgprestatiemodel als reden om geen contract af te sluiten. Maar dat is altijd in combinatie met een aantal andere redenen zoals de tarieven, of principiële redenen.

We hebben ook gevraagd naar specifieke implementatie-afspraken in de contracten. Zoals de transitievergoeding, bevoorschotting en de bekostiging van de inzet van specifieke beroepen en omzetplafonds. Het grootste deel van de instellingen dat de vragenlijst invulde, heeft daarover een ‘neutrale’ mening of is er tevreden over. Over de hoogte van het omzetplafond voor 2022 is het grootste deel van de respondenten neutraal tot tevreden. Dat stemt niet overeen met signalen die we krijgen vanuit de brancheverenigingen. Zij spreken van onvrede over de omzetplafonds, vooral bij vrijgevestigde zorgaanbieders.

Lees verder op puc.overheid.nl >>>

Dit bericht is 377 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail