Seizoengebonden depressie; wel of geen lichtbak?

Facebooktwitterlinkedinmail

lichttherapie

13 november 2015 – Cognitieve Gedragstherapie (CGT) is op lange termijn superieur aan lichttherapie bij seizoengebonden depressie. Dit blijkt uit studie in the American Journal of Psychiatry, zo meldt dejongepsychiater.nl.

De dagen worden korter, de bladeren vallen weer van de bomen. Een mooi moment om een studie naar seizoengebonden depressie (Seasonal Affective Disorder; SAD) te publiceren, dacht het American Journal of Psychiatry vorige week. Seizoengebonden depressie heeft een prevalentie tot 10%, mogelijk afhankelijk van klimaat en breedtegraad, en treedt vaak op in de herfst en winter als er minder daglicht is.

Lichttherapie, de best bestudeerde behandeling van seizoensgebonden depressie, is in hoge mate effectief in de acute fase, en heeft derhalve een plaats in alle behandelprotocollen. De laatste jaren is een variant van cognitieve gedragstherapie (CBT) in opkomst, die is toegespitst op behandeling van seizoensgebonden depressie: CBT-SAD. Terwijl lichttherapie aangrijpt op de chronobiologische ontregeling bij seizoengebonden depressie, pakt deze therapie de psychologische kwetsbaarheid aan door middel van psycho-educatie, cognitieve herstructurering en het voorkomen van vermijding door gedragsactivering.

In een recent onderzoek ook gepubliceerd in het American Journal of Psychiatry, toonden Rohan (et al.) aan dat lichttherapie en CBT-SAD in de acute fase even effectief waren: in beide groepen bereikte 47% van de patiënten remissie. De nieuwe studie rapporteert de lange termijn resultaten van deze studie. In deze follow-up studie werden de deelnemers uit eerder genoemde onderzoek gevolgd gedurende twee winters na de eerste behandeling.  In totaal 177 patiënten met een seizoengebonden depressie (vastgesteld door middel van een gestructureerd interview ) werden gerandomiseerd voor lichttherapie (dagelijks 30 minuten na opstaan, 10.000 lux, mogelijkheid tot verlengde behandeling na 6 weken) of CBT-SAD (tweewekelijkse groepssessies, 90 minuten per sessie, gedurende 6 weken). De onderzoekers waren blind voor de behandeling en zagen de patiënten terug in januari of februari van de volgende twee winters.

De resultaten van de studie waren opmerkelijk: zoals gezegd was er geen verschil in effectiviteit tussen de twee behandelingen in de acute fase. Ook de volgende winter was er geen verschil tussen beide behandelingen: de recidiefpercentages waren 29% en 25% voor respectievelijk CBT-SAD en lichttherapie, gecorrigeerd voor een aantal factoren waaronder de behandeling die patiënten op dat moment ondergingen. Pas de tweede winter na de acute behandeling waren er duidelijke verschillen aantoonbaar: de recidiefpercentages waren nu respectievelijk 27% en 46% voor CBT-SAD en lichttherapie.

Deze resultaten suggereren een duurzamer effect van cognitieve gedragstherapie dan van lichttherapie.  De auteurs melden verder nog dat eerder onderzoek naar effectiviteit van lichttherapie vooral heeft gefocust op korte termijn resultaten en dat de compliance van lichttherapie na remissie en volgende winters slecht is. Ook in deze studie gebruikten veel patiënten de lichtbakken niet meer gedurende de volgende winters, terwijl deze wel beschikbaar waren.

De resultaten van deze studie wijzen duidelijk in de richting van cognitieve gedragstherapie als superieure behandeling voor seizoengebonden depressie op lange termijn. Alle studies naar dit onderwerp komen echter nu nog van dezelfde groep, dus replicatie is noodzakelijk. Investeren in therapietrouw bij seizoengebonden depressie-patiënten met eerder goed effect op lichttherapie is in ieder geval nuttig, daarnaast is het goed om te weten dat deze nieuwe variant van cognitieve gedragstherapie beschikbaar en veelbelovend is.

Bron: dejongepsychiater.nl 

Dit bericht is 1504 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail