Depressief én boos: opletten! 

Facebooktwitterlinkedinmail

boos_1184_790_c1

Als mensen bij een depressie ook nog boos zijn, is het zaak hen extra goed in de gaten te houden en eventueel een zwaardere behandeling aan te bieden. De combinatie kan wijzen op een risicovol complex van symptomen, ontdekte neuropsycholoog Floor Verhoeven. Promotie op 6 november.

Sneller een zwaardere behandeling

Personen die naast depressief ook boos zijn, lijden doorgaans aan een relatief ernstige depressie, zo stelt Floor Verhoeven in haar promotieonderzoek vast. Bij boosheid is er ook een grotere kans op andere symptomen, zoals angstklachten en suïcidale gedachten. Eerdere studies ondersteunen dit in sterkere of mindere mate. Verhoeven adviseert behandelaars om personen die naast depressief ook boos zijn extra goed in het oog te houden en sneller met een zwaardere behandeling te starten. Achterliggend doel van haar onderzoek is om tot een betere individuele typering van patiënten met een depressie te komen waardoor de behandeling doeltreffender en succesvoller kan zijn.

Fysiologisch afleesbaar

Tussen depressie met en zonder boosheid bleken kleine fysiologische verschillen te bestaan, zoals in het testosteron- en cholesterolgehalte. Verhoeven onderzocht ook de rol van het gen Monoamine oxidase A (MAOA), dat codeert voor een enzym dat neurotransmitters als dopamine, noradrenaline en serotonine afbreekt. Deze stoffen spelen een belangrijke rol bij depressie. De resultaten van het onderzoek laten zien dat het MAOA-gen niet zozeer gerelateerd is aan agressie, maar wel aan boosheid of agressie die gebonden is aan een sombere stemming. Verhoeven ontdekte die koppeling alleen bij vrouwen.

Experiment en dataonderzoek

De promovenda deed onder andere een experiment waarbij bij herstelde depressieve personen het serotonineniveau tijdelijk werd verlaagd. Ook maakte ze gebruik van data van ruim 900 deelnemers aan de NESDA-cohort-studie. NESDA is een groot, langdurig onderzoek naar angst en depressie dat sinds 2004 loopt en bijna 3000 personen met depressie- en angstklachten volgt.

Bron: leidenuniv.nl 

Dit bericht is 66215 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail