Zorginstuut: behandeling van psychose en PTSS onder de maat

Facebooktwitterlinkedinmail

23 juli 2020 – Behandelingen psychose en PTSS onder de maat: dit kán en móet veel beter!
De zorg in Nederland voor mensen met psychose en mensen met PTSS krijgt een dikke onvoldoende. In veel gevallen is sprake van onderbehandeling en worden richtlijnen niet nagevolgd. Dit zijn conclusies van uitgebreid onderzoek dat het Zorginstituut in het kader van het programma Zinnige Zorg heeft uitgevoerd.

Het Zorginstituut heeft een fors aantal verbeteracties benoemd en wil die de komende jaren met alle betrokken partijen in praktijk brengen. MIND is geschrokken van de resultaten van het onderzoek, maar ziet daarin ook een bevestiging van knelpunten die cliënten en naastbetrokkenen al lang signaleren. Eén ding is heel duidelijk: mensen met psychose of PTSS verdienen beter.

Psychose
Uit de Zinnige Zorg onderzoeken van het Zorginstituut blijkt sprake van ernstige onderbehandeling. Bij psychose schrijft de richtlijn cognitieve gedragstherapie (CGT) voor en een jaarlijkse somatische screening. Slechts 10 tot 25 procent van de cliënten ontvangt daadwerkelijk CGT. Andere behandelingen worden ook nauwelijks gegeven, afgezien van medicatie. Cliënten met psychose ontvangen gemiddeld 28 uur zorg per jaar, wat heel weinig is voor zo’n zware aandoening.

Bij psychose is sprake van grote gezondheidsrisico’s die deels een gevolg zijn van bijwerkingen van medicatie. Mensen met psychose leven gemiddeld 20-25 jaar korter dan de gemiddelde Nederlander. De jaarlijkse somatische screening is dus heel belangrijk. Toch wordt die slechts bij 17% van de cliënten uitgevoerd. 28% heeft in een periode van vijf jaar helemaal geen somatische screening gehad.

PTSS (posttraumatische stress-stoornis)
Bij PTSS zijn volgens de richtlijn CGT en EMDR aangewezen behandelingen. In de praktijk krijgt slechts 39% een van deze therapieën. Het probleem van de onderbehandeling is echter nog veel groter, omdat trauma in de diagnostiek vaak niet herkend wordt, zo constateert het Zorginstituut. Bij PTSS is ook sprake van behandeling die schadelijk kan zijn. Minimaal 40% van de cliënten met trauma krijgt benzodiazepinen voorgeschreven, waarvan bijna de helft langdurig. De zorgstandaarden en richtlijnen adviseren hooguit kortdurend gebruik van dit middel vanwege het risico op afhankelijkheid en verslavingen.

Verder stellen de onderzoekers vast dat bij PTSS de informatieuitwisseling tussen ggz en huisarts onder de maat is. Dit geldt waarschijnlijk ook voor andere psychische aandoeningen, maar het is nu voor PTSS met cijfers onderbouwd. Bij de helft van de mensen met PTSS die door de huisarts naar de ggz is verwezen, heeft na twee jaar nog geen terugkoppeling plaatsgevonden.

Ten slotte besteden de onderzoekers onder het kopje ‘kennislacunes’ aandacht aan vaktherapieën, lichaamsgerichte therapieën en de hulphond. Cliënten geven aan baat te hebben bij deze vormen van hulp, maar volgens het Zorginstituut is daar nog onvoldoende bewijskracht voor. Het Zorginstituut heeft daarom ZONMW nu gevraagd hier nader aandacht aan te besteden.

Verbeteracties
De inbreng van cliënten en naasten in de onderzoeken van Zinnige Zorg is aanzienlijk geweest. Anoiksis en MIND Ypsilon waren vertegenwoordigd in de adviesgroep psychose; Caleidoscoop in de adviesgroep PTSS. Bovendien heeft het Zorginstituut een aparte verdiepingssessie georganiseerd met ervaringsdeskundigen. Het onderzoek is hierdoor verrijkt.

Gelukkig stopt het Zinnige Zorg traject hier niet. Eigenlijk begint het pas. Het Zorginstituut organiseert na de zomer een implementatiebijeenkomst om alle verbeteracties in gang te zetten. MIND is bereid om een trekkersrol te vervullen bij het verbeteren van cliëntinformatie. Het is belangrijk dat cliënten en naasten weten wat een goede behandeling inhoudt. Verder zullen wij beroepsgroepen, zorgaanbieders en zorgverzekeraars erop aanspreken dat de behandelpraktijk bij psychose en PTSS echt snel moeten verbeteren. Bij PTSS zullen we extra aandacht vragen voor het belangrijke onderscheid tussen enkelvoudig en complex of vroegkinderlijk trauma. Vooral bij complex of vroegkinderlijk trauma is het probleem van onderbehandeling groot. Ook zullen wij met ZONMW in gesprek gaan over extra onderzoek naar de effectiviteit van alternatieve therapieën bij trauma.

Investeringen
Betere behandelen is uiteindelijk goedkoper, zo rekent het Zorginstituut voor. Als je het aantal CGT-behandelingen bij psychose verdubbelt is dat een kostentoename van 3,6 miljoen euro per jaar, maar daar staat een kostenafname van 11,2 miljoen euro tegenover door minder opnames en heropnames. Dus een besparing van 7,6 miljoen euro om betere zorg te leveren. Waar wachten we nog op.

Bij PTSS zijn precieze berekeningen lastiger te maken, maar het zorginstituut maakt aannemelijk dat betere behandeling zal leiden tot een aanzienlijke daling van andere zorgkosten en maatschappelijke kosten, bijvoorbeeld als gevolg van ziekteverzuim. In het huidige systeem zijn geen prikkels om te investeren in cliënten met een zware aandoening zoals psychose of complex trauma. MIND heeft hier in een reactie op de rapporten van Zinnige Zorg op gewezen; de Nederlandse ggz ook. Betere behandeling van psychose en PTSS vraagt ook om andere keuzes in de financiering. Goedkoop is duurkoop.

Het is goed dat er nu twee uitstekende rapporten van Zinnige Zorg liggen. Ze bieden een goede basis voor betere zorg bij psychose en PTSS. Nu zullen alle partijen de handschoen op moeten pakken!

Bron: mindplatform.nl

Dit bericht is 2272 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail