19 mei 2026 – Ruim helft werkenden kampt met mentale klachten, ingrijpen gebeurt vaak pas als het te laat is. Mentale klachten op de werkvloer zijn eerder regel dan uitzondering: maar liefst 54% van de werknemers had hier het afgelopen jaar zoveel last van dat ze het werk belemmerden. Vrouwen melden dit nog iets vaker dan mannen. Vaak trekken werknemers pas aan de bel als hun werk eronder leidt of bij ziekmelding, bij vrouwen speelt angst voor de gevolgen vaker mee. Ook leidinggevenden komen vaak te laat in actie, zodat verzuim nog moeilijk te voorkomen is.
Dat blijkt uit de HSK Monitor: Werk en mentale gezondheid 2026, een onderzoek onder ruim 1.700 werkenden en 1.700 leidinggevenden in opdracht van HSK. De cijfers laten zien dat mentale belasting een structureel probleem is op de werkvloer. Van de werknemers die klachten ervaren, geeft bijna 8 op de 10 aan dat deze deels of volledig door het werk worden veroorzaakt. Ook leidinggevenden herkennen het probleem: ruim de helft ziet regelmatig signalen van mentale overbelasting binnen hun team zoals vermoeidheid, stress en irritatie.
In sectoren met hoge emotionele belasting, zoals de zorg, het onderwijs en de publieke sector, komen deze signalen het vaakst voor. Vrouwelijke medewerkers melden dit iets vaker: 56% zegt mentale klachten te ervaren die het werk belemmeren. Bij mannen is dat 48%. Vrouwen met mentale klachten geven vaker aan dat de oorzaak privé-gerelateerd is.
Werknemers zwijgen door gebrek aan vertrouwen en vrees voor gevolgen
Opvallend is dat 42% van de werknemers mentale klachten helemaal niet bespreekt op het werk. Belangrijke redenen zijn het gevoel dat er geen ruimte is om hierover te praten en een gebrek aan vertrouwen dat er iets mee wordt gedaan. Vrouwen noemen twee keer zo vaak als mannen dat zij bang zijn voor negatieve gevolgen –bijvoorbeeld voor hun beoordeling of carrière.
Slechts ongeveer de helft van de medewerkers met mentale klachten ervaart ruimte en steun van hun leidinggevenden, en dat uit zich nog minder vaak in daadwerkelijke ondersteuning of advies (44%). Slechts een kwart ziet dat signalen van mentale belasting vroegtijdig worden opgepikt door hun leidinggevende. Medewerkers zelf trekken vaak ook pas aan de bel op het werk als hun functioneren al onder druk staat of zelfs pas bij hun ziekmelding.
Werknemers geven in het onderzoek duidelijk aan wat volgens hen helpt om verzuim te voorkomen: flexibel kunnen werken, gesprekken met een onafhankelijke professional en ondersteuning door coaches en hulpverleners buiten de organisatie worden het vaakst genoemd.
Duidelijke kloof tussen intentie en praktijk bij leidinggevenden
Leidinggevenden noemen een open cultuur met afstand als belangrijkste voorwaarde om eerder of effectiever in te kunnen grijpen. Meer dan een derde voert gesprekken over mentale klachten pas met medewerkers wanneer klachten al zijn verergerd of tot uitval leiden. Leidinggevenden zien zichzelf het vaakst als verantwoordelijk voor preventie, maar voelen zich lang niet altijd goed toegerust om die rol effectief te vervullen. Een aanzienlijk deel heeft te weinig budget en middelen, mist tijd en ruimte en vindt dat dat de organisatie meer zou moeten investeren.
“Leidinggevenden willen vaak wel, maar hebben niet altijd de tijd, middelen of ondersteuning om dit goed te doen,” zegt Paul Popelier, operationeel directeur en GZ-psycholoog bij HSK. “Als organisatie moet je het makkelijker maken om eerder in te grijpen. Niet pas bij verzuim, maar juist in het traject daarvoor.”
Opvallende paradox: belang wordt erkend, investeren blijft vaak achterwege
Overtuigend is hoe breed het belang van mentale gezondheid wordt erkend door medewerkers en leidinggevenden. Ook is de overtuiging groot dat investeren in mentale gezondheid en preventie loont: niet alleen voor het welzijn en het functioneren van teams, maar ook financieel. Ruim tweederde van de leidinggevenden gelooft dat dit uiteindelijk meer oplevert dan het kost.
“Daar zien we een opvallende paradox,” aldus Popelier. “We vinden mentale gezondheid allemaal belangrijk, maar in de praktijk blijft investeren nog achterwege. Daardoor wordt vaak pas ingegrepen als het misgaat. Door klachten eerder bespreekbaar te maken en passende ondersteuning te bieden kunnen we zwaardere problemen, langdurig verzuim en dure behandeltrajecten voorkomen.”
Grote winst te behalen voor werknemers en organisatie
Dat is niet alleen goed voor medewerkers, maar scheelt organisaties ook enorm in de kosten, weet HSK-directeur Daan van Montfoort. “Uitval kost organisaties zo’n 250 tot 400 euro per persoon per dag. Bij mentale klachten duurt de uitval gemiddeld 250 dagen. Dan kom je al snel op 60.000 euro. En: de meeste kosten zitten niet in begeleiding en re-integratie en zorgen voor een vervanger, maar juist al in de fase vóór uitval: 75% ontstaat door productieverlies.”
Van Montfoort raadt bedrijven dan ook aan om serieus werk te maken van preventie. “Zowel de politiek als bedrijven benadrukken het belang wel van mentale gezondheid, maar maken er vaak nog geen geld voor vrij. Terwijl: elke euro die je hierin investeert, krijg je viervoudig terug. Denk daarbij aan coaching, een mentale check-up of gesprekken met een psycholoog. Of juist ondersteuning van leidinggevenden met advies en training. Mentale klachten zijn een structureel onderdeel van de werkrealiteit. De vraag is niet óf het speelt, maar of je er op tijd bij bent.”
Over het onderzoek
Het onderzoek is uitgevoerd door Highberg in opdracht van HSK onder 1.752 leidinggevenden en 1.710 werkenden in Nederland. De data zijn verzameld via een online vragenlijst in maart 2026. De steekproef is representatief voor geslacht, leeftijd, opleidingsniveau en regio.
HSK Monitor Werk en mentale gezondheid 2026 >>>
Bron: persbericht
Dit bericht is 6 keer gelezen.