25 april 2026 – Onbegrepen gedrag kent veel uitingsvormen en leidt tot complexe vraagstukken, ook bij organisaties die ver van de problematiek lijken af te staan, zoals natuurbeheerders en woningbouwcorporaties. Toch speelt de problematiek ook daar. Staatsbosbeheer en Trimbos ontwikkelen nu leermiddelen voor een menswaardige aanpak. Lees hier het interview met projectleiders Marco Meeling, veiligheidskundige en beleidsadviseur handhaving Staatsbosbeheer en Michel Planije, onderzoeker zorg & participatie Trimbos Instituut
Marco Meeling is veiligheidskundige en beleidsadviseur handhaving bij Staatsbosbeheer: ‘Ik werk sinds 9 jaar bij Staatsbosbeheer en zie een toename van mensen met onbegrepen gedrag in het buitengebied’, vertelt hij. ‘We willen deze mensen een menswaardige aanpak bieden en ruimte geven, maar niet iedere plek is daarvoor geschikt. We beheren ecologisch vaak kwetsbare gebieden, die afgesloten zijn voor het publiek. Juist daar verblijven mensen met onbegrepen gedrag het liefst. Dikwijls zijn het zogenoemde zorgmijders die diep in het bos duiken, waar ze helaas ook schade aanrichten. Daarom hebben we samen met Natuurmonumenten de handen ineengeslagen en bij ZonMw subsidie aangevraagd.’
Bescherming van natuurgebieden is onze primaire taak, maar we pakken ook onze maatschappelijke verantwoordelijkheid – Marco Meeling
Veiligheidsdeskundige en beleidsadviseur handhaving bij Staatsbosbeheer
Ook bij woningbouwcorporaties hebben medewerkers geregeld te maken met mensen met onbegrepen gedrag. Michel Planije, onderzoeker zorg & participatie bij het Trimbos Instituut, is al ruim 10 jaar met het thema bezig. ‘Onbegrepen gedrag is een containerbegrip met meerdere mogelijke oorzaken, niet alleen psychische problematiek, maar ook bijvoorbeeld dementie en diabetes. Verder kan het meerdere uitingsvormen hebben. Woningcorporaties hebben veel te maken met geluidsoverlast, agressief gedrag of vervuiling door hoarders. Maar ze hebben ook te maken met mensen die zich juist helemaal terugtrekken, waardoor buurtbewoners zich zorgen maken. Het gaat om alle gedrag dat door een ander niet begrepen wordt. Dat is de uitdaging. We hebben een subsidieaanvraag gedaan met de Utrechtse kenniswerkplaats SOMO, Samen Omgaan Met Onbegrip. Daar zijn ook woningbouwcorporaties bij aangesloten.’
Bewustwording en handelingsperspectief
Met de subsidie vanuit het Actieprogramma Grip op Onbegrip gaan de betrokken partijen nu middelen ontwikkelen. ‘We willen inzetten op vergroten van bewustzijn en begrip van de verschillende vormen van onbegrepen gedrag’, zegt Planije. ‘Ook willen we handvatten meegeven op het gebied van bejegening. Hoe benader je iemand met respect en gevoel voor ruimte en afstand. Verder willen we met medewerkers in gesprek over afstemming met andere partijen, zoals zorg en politie. Het trainingsgprogramma Mental Health First Aid biedt al veel aanknopingspunten. We gaan kijken of we dat in specifieke vorm kunnen gebruiken voor woningcorporaties. Met een peiling gaan we uitvragen waar medewerkers precies behoefte aan hebben.’
Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten zijn al iets verder: ‘We werken aan een beleids- en een handelingskader. Deze kaders zijn input voor de opleiding van onze boswachters en voorkomen dat handelingsverlegenheid ontstaat. Mensen met onbegrepen gedrag hoeven niet altijd weg. We kunnen onder voorwaarden tijdelijk toestaan dat zij in onze gebieden verblijven, zolang dit geen schade aan de natuur veroorzaakt. Je wilt niet dat iemand uit beeld raakt van de hulpverlening. De boswachter moet dan ook weten waar hij terecht kan om hulp in te schakelen. Goed contact met ketenpartners is heel belangrijk. Verder moeten boswachters herkennen wat de oorzaak kan zijn van onbegrepen gedrag en hoe je je handelen daarop afstemt. In de training willen we bewustwording creëren en handelingsperspectief bieden. Bescherming van natuurgebieden is onze primaire taak, maar we pakken ook onze maatschappelijke verantwoordelijkheid.’
Menswaardigheid geldt ongeacht welke professionele hoedanigheid je hebt – Michel Planije – Onderzoeker zorg en participatie Trimbos Instituut
Ervaringsdeskundigen werken mee
Zowel Staatsbosbeheer als Trimbos betrekken mensen met ervaring bij de ontwikkeling van de leermiddelen. Trimbos is via Stichting MIND bezig met werven van huurders die onbegrepen gedrag hebben vertoond en ervaring hebben met medewerkers van corporaties. Verder werken ze met Ainoikis, vereniging voor en door psychosegevoelige mensen. Ook worden medewerkers en familie-ervaringsdeskundigen gevraagd naar hun ervaringen.
Bij Staatsbosbeheer denken boswachters mee en ervaringsdeskundigen van het collectief InBegrepen, die ervaring hebben met ontwrichting en herstel. Op die manier borgt Staatsbosbeheer dat niet alleen over mensen gepraat wordt, maar juist ook methen. Het naastenperspectief wordt daarbij eveneens meegenomen. Staatsbosbeheer wil een eendaagse training met trainingsacteur ontwikkelen om te laten zien wat aan onbegrepen gedrag ten grondslag kan liggen en hoe professionals kunnen optreden. Ook wordt een toolbox en een e-learning ontwikkeld, waar alle terreinbeherende organisaties gebruik van kunnen maken.
Uitdaging is samenwerking
Wat Meeling als specifieke uitdaging noemt bij het omgaan met onbegrepen gedrag is de samenwerking met professionals uit andere domeinen. ‘Kennisdeling is superbelangrijk. In Zeeland zitten we met gemeente en politie om de tafel. Binnen een afgesloten Natura 2000-gebied was een persoon in een bunker gaan wonen, bij uitstek een plek voor vleermuizen. De gemeente wilde een traject ‘Instelling Stelselmatige Daders’ inzetten. Het is een intens zorgtraject, waarvoor 5 overtredingen nodig zijn voordat de rechter dat kan opleggen. Ik zei: “Die persoon pleegt iedere dag een misdrijf, hij zit in Natura-2000-gebied en verstoort beschermde diersoorten. En jullie zoeken naar 5 overtredingen?” Dan zie je hoe belangrijk het is dat we de connectie maken en samenwerken.’
Belangrijk daarbij is om personen onder de aandacht te brengen van andere professionals binnen de regels van de Algemene verordening gegevensbescherming en de Wet politiegegevens. ‘Vanuit het project willen we dat doen via twee sporen’, vertelt Meeling. ‘Het eerste spoor loopt via justitie. Het klinkt tegenstrijdig, maar sommige mensen met onbegrepen gedrag zijn gebaat bij een aantal bekeuringen. Die mogen wij geven als zij zich buiten de paden begeven. We kunnen dan een dossier opbouwen. Als iemand herhaaldelijk overlast veroorzaakt en geen hulp wil, kijken we samen met het OM en de politie welke aanpak het beste past. Het tweede spoor is via de zorgverlening. Als we merken dat iemand zorg nodig heeft, doen we een melding bij de wijkagent en die kan het in een casusoverleg met zorg en sociaal domein bespreken.’
Menswaardige aanpak
Wat zowel Meeling als Planije bij dit alles voor ogen staat, is een menswaardige aanpak. Planije: ‘Menswaardigheid geldt ongeacht welke professionele hoedanigheid je hebt. Iedereen kan door een paar tegenslagen zomaar in omstandigheden belanden van dakloosheid of misschien zelfs onbegrepen gedrag. We zijn allemaal mensen, laten we zo zuinig mogelijk met elkaar omgaan.’
Partijen moeten dan ook zich dan ook niet verschuilen achter de grenzen van hun sector of domein, vindt Meeling. ‘Je kunt niet zeggen: daar zijn we niet van, want dan blijven de problemen in stand. We moeten atypische onderwerpen beetpakken en voorbij de eigen bedrijfscultuur kijken. Alleen dan komen we tot een breed gedragen aanpak voor mensen met onbegrepen gedrag. Daar zijn we allemaal bij gebaat.’
Interviewreeks
ZonMw financiert vanuit het met de subsidieronde ‘Versterken van beroepsprofessionals bij de aanpak van onbegrepen gedrag’ 4 projecten die vaardigheden van beroepsprofessionals versterken bij de aanpak van onbegrepen gedrag. Deze projecten focussen zich op beroepsprofessionals binnen de politie, woningcorporaties, reizigersvervoersdiensten en natuurbeheer, voor wie het ondersteunen en begeleiden van mensen met onbegrepen gedrag geen primaire taak is.
Deze interviews maken deel uit van een tweeluik. We spreken de projectleiders in het eerste deel over de beoogde doelen, zoals de te ontwikkelen leermiddelen en -methodes en tegen welke uitdagingen zij aanlopen. Richting het einde van de projecten, eind 2027, volgt het tweede deel. Daarin zullen de projectleiders (voorlopige) resultaten en geleerde lessen delen.
Bron: zonmw.nl
Dit bericht is 16 keer gelezen.