Politie bouwt vervoer van ‘verwarde personen’ verder af

Facebooktwitterlinkedinmail

21 februari 2018 – De politie bouwt het vervoer van verwarde personen steeds verder af. Per 1 april moet dat vervoer in nog slechts 72 procent van de regio’s zijn overgedragen aan andere partijen, zoals de psycholance. “Daarmee kan ik niet spreken van een volledig landelijke dekking van het hele land met passend vervoer,” schrijft staatssecretaris Paul Blokhuis van VWS aan de Tweede Kamer, “maar we zijn een heel eind op weg.”

De politietop had in 2016 al aangekondigd er op 1 januari 2017 mee te zullen stoppen. Maar de politie ging er toch mee door, omdat er op te weinig plekken alternatieve oplossingen voorhanden waren. Onno Hoes, voorzitter Schakelteam Personen met Verward Gedrag, uitte in oktober 2017 zorgen over het tempo waarin betrokken partijen de acute psychische zorg verbeteren. Eind 2017 gaf korpschef Erik Akerboom opnieuw een noodsignaal af: het aantal spoedmeldingen was de afgelopen vijf jaar met 20 procent gestegen. Hij riep gemeenten en de landelijke politieke top op om de zorg voor psychiatrische patiënten te intensiveren.

Brigadier vervoer

Om de voortgang van regionale samenwerking te borgen en de verbinding tussen de regionale projectleiders personen met verward gedrag en het regionaal overleg acute zorgketen (ROAZ) te bevorderen, heeft het Schakelteam een Brigadier vervoer aangesteld, aldus de Staatssecretaris. De brigadier stimuleert de regionale samenwerking door het actief anticiperen op samenwerkings- en afstemmingsvraagstukken en bewaakt de voortgang van de regionale en landelijke acties. De brigadier zorgt ervoor dat regionale knelpunten en goede voorbeelden worden gedeeld en besproken in een landelijke werkgroep. Indien nodig agendeert de brigadier met het Schakelteam knelpunten in het Bestuurlijk Overleg personen met verward gedrag.

Opkomst psycholances

In steeds meer regio’s nemen andere partijen de vervoersrol van de politie van de politie over, onder andere door de psycholances. In 31 procent van de regio’s is dat sinds 1 januari 2018 al het geval. Per 1 april moet dat in 72 procent van de regio’s het geval zijn. Op de regiobijeenkomsten is ook gebleken dat er regionaal grote verschillen zijn in het soort oplossingen. De problematiek is in grote steden wezenlijk anders dan in landelijke regio’s. De psycholance die in verschillende rijdt, zou in dunbevolkte regio’s vaak stilstaan.

Vergoeding onkosten nog onduidelijk

De brigadier vervoer verwarde personen noemt enkele voorwaarden voor een succesvolle aanpak. In de eerste plaats moet de wettelijke verankering van regionale oplossingen helder zijn. Het ontbreken van een betaaltitel is nog een knelpunt. Daarvoor moet de landelijke politiek een oplossing vinden. Tot die tijd moet de overheid helder maken hoe de kosten worden vergoed. Ook roept de brigadier de overheid op tot een ondersteuningsprogramma, waarbij experts de regio’s ondersteunen om passende oplossingen te vinden. Verder adviseert de brigadier de regio’s om de samenwerkingsafspraken vast te leggen in regionale convenanten.

Lees hier de Kamerbrief.

Bron: Zorgvisie

Dit bericht is 1498 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail