Substitutie in GGZ levert in 2015 naar schatting 6,6 miljoen op

Facebooktwitterlinkedinmail

Veel-geld

2 september 2015 – Als onderdeel van de afsprakenmonitor juli 2015 is de verwachte schadelast voor de 2015 in kaart gebracht voor de medisch specialistische zorg, geestelijke gezondheidszorg, huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg. In de GGZ werd 14,9 miljoen vrijgespeeld door substitutie en € 8,3 miljoen vanuit de GGZ geïnvesteerd in de huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg. Dat schrijft minister Schippers naar aanleiding van de onlangs uitgekomen Substitutiemonitor, rapportage afsprakenmonitor juli 2015.

De belangrijkste uitkomsten van de substitutiemonitor zijn:

  • De meest voorkomende onderwerpen waarover substitutieafspraken worden gemaakt zijn: cardiovasculair risicomanagement (CVRM), het plaatsen en verwijderen van een spiraaltje (intra uterine device, IUD), substitutie van de spoedeisende zorg naar de huisartsenpost, KNO zorg, dermatologie, cardiologie, osteoporose, oogzorg, diabetes mellitus type II, Chronic Obstructive Pulmonary Disease (COPD), praktijkondersteuning huisartsen geestelijke gezondheidszorg (POH-GGZ) en ouderenzorg;
  • Op peildatum 1 juli 2015 hebben verzekeraars voor € 61,2 miljoen aan substitutieafspraken gemaakt met de huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg. Een deel van deze afspraken is gemaakt binnen de groeiruimte die extra is toegekend aan de eerste lijn (de 1,5% voor o.a. voor substitutie), het andere deel van deze afspraken hebben verzekeraars kunnen maken door budget te verschuiven uit andere sectoren;
  • Op peildatum 1 juli 2015 is het budget dat verzekeraars in de medisch specialistische zorg en GGZ hebben vrijgespeeld door substitutie € 48,9 miljoen respectievelijk €14,9 miljoen. Hiervan hebben verzekeraars € 24,9 miljoen vanuit de medisch specialistische zorg en € 8,3 miljoen vanuit de GGZ geïnvesteerd in de huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg ten behoeve van substitutie. Hoe het overige geld is ingezet is niet bekend;
  • De verwachte schadelast voor 2015 (inclusief de substitutieafspraken) voor de huisartsenzorg, de multidisciplinaire zorg, de GGZ en de medisch specialistische zorg geeft vooralsnog geen aanleiding om een significante overschrijding te verwachten. Daarbij moet wel opgemerkt worden dat dit prognoses betreffen op basis van de contractering, hieruit vallen geen harde conclusies te trekken. Het zijn geen realisatiecijfers, de verwachtingen zijn dus nog met allerlei onzekerheden omgeven.

Onder substitutie wordt verstaan de verplaatsing van huidige zorg en middelen van de tweede naar de eerste lijn. Daarnaast is de bedoeling van deze substitutie dat doelgroepen in de eerste lijn blijven en het voorkomen dat deze patiënten in de toekomst tweede lijnszorg nodig hebben.

De minister maakt wel de nodige kanttekeningen bij deze bezuinigingen: het gaat om een prognose, die deels is gebaseerd op afgesloten contracten. Tevens gaat de prognose ervan uit dat de kosten ongeveer gelijk blijven.
Bijlagen

Bron: Rijksoverheid.nl  ggztotaal.nl 

Dit bericht is 1239 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail