Relatie tussen ADHD en de intensiteit van zonlicht:

Facebooktwitterlinkedinmail

normal_zonneschijn

Op weg naar ADHD preventie?
Een onderzoek dat vandaag gepubliceerd wordt in het vooraanstaande wetenschappelijke tijdschrift Biological Psychiatry werpt nieuw licht op het toenemende voorkomen (prevalentie) van aandachtstekort-hyperactiviteitstoornis, beter bekend als ADHD. Deze studie wees uit dat “zonnige” regio’s op aarde met een hoge intensiteit van zonlicht, zoals de Amerikaanse staten Californië, Arizona en Colorado, en landen als Spanje en Mexico een lagere prevalentie van ADHD hebben. Dit beschermende effect van zonlicht verklaarde 34 tot 57% van de prevalentie van ADHD. De auteurs veronderstellen dat dit te maken heeft met de effecten van zonlicht op het verminderen van problemen met de biologische klok (of circadiane ritmiek). Deze resultaten leiden mogelijk tot nieuwe methoden voor preventie van ADHD en nieuwe inzichten wat betreft de behandeling van bepaalde gevallen van ADHD.

Onderzoekers van de Universiteit Utrecht, Onderzoeksinstituut Brainclinics, de Universiteit Leiden, en de Ohio State Universiteit (VS) hebben vandaag hun onderzoek gepubliceerd over een mogelijk preventief effect van zonlicht op ADHD. Kijkend naar de prevalentie van ADHD per Amerikaanse staat (CDC gegevens, zie figuur 1a) en zonne-intensiteit kaarten (NREL gegevens, zie figuur 1b), viel het de auteurs op dat er een geografische overeenkomst was tussen een lage ADHD prevalentie en een hoge zonne-intensiteit. Zonne-intensiteit is een maat voor de hoeveelheid zonlicht in een bepaald gebied (in kWh/m2/dag), die vaak gebruikt wordt bij het berekenen van de hoeveelheid energie die zonnepanelen zullen gaan genereren in een bepaald gebied.

ADHD prevalentie

Figuur 1a: ADHD Prevalentie (CDC, 2003) Figuur 1b: Zonne-intensiteit (NREL)

Deze initiële observatie werd verder uitgewerkt op basis van twee Amerikaanse en één niet-Amerikaanse datasets. Hieruit bleek een duidelijke negatieve dosis-respons-relatie tussen zonne-intensiteit en de prevalentie van ADHD. Verschillen in zonne-intensiteit tussen regio’s verklaren tussen de 34 tot 57% van de verschillen in ADHD prevalentie, zelfs als gecorrigeerd wordt voor potentieel intermediërende variabelen als sociaal-economische status, geboortegewicht, kindersterfte, geografische breedte en etniciteit.

ADHD en slaap

Veel patiënten met ADHD hebben slaapproblemen, meestal moeite met inslapen (en dit staat los van eventuele medicatie). In het algemeen bestaat er een relatie tussen  slaapduur en aandachtsproblemen. De auteurs veronderstellen dan ook dat bij bepaalde ADHD-patiënten slaapproblemen ten grondslag liggen  aan de aandachtsproblemen. Inslaapproblemen bij ADHD op hun beurt hebben weer te maken met verstoorde circadiane ritmiek (zoals een vertraagde melatonine respons).  Het is bekend dat zonlicht de grootste invloed heft op de menselijke biologische klok.

De auteurs veronderstellen tevens dat inslaapproblemen nog eens versterkt kunnen worden door intensief gebruik in de avond van moderne media zoals tablet-computers en smartphones, waarbij de invloed van social media zorgt voor een nog veelvuldiger gebruik van deze blauw licht * bronnen, zoals smartphone en tablet, in de avond. Verhoging van de hoeveelheid zonlicht gedurende de dag, is volgens de auteurs in staat de biologische klok afdoende te synchroniseren waardoor het verstorende effect van verhoogde blootstelling aan licht tijdens de avond gecompenseerd kan worden en daarmee inslaapproblemen verminderen.

De implicaties van deze bevindingen zijn dat toekomstig onderzoek naar ADHD zich meer moet richten op de rol van slaap en de biologische klok. Vanuit het oogpunt van de volksgezondheid, zouden fabrikanten van tablets, smartphones en pc’s de mogelijkheid kunnen onderzoeken om een tijd-gemoduleerde kleuraanpassing van schermen te implementeren (zoals b.v. f.lux software), om daarmee ongewenste blootstelling aan blauw licht in de avond te voorkomen. Ook kunnen deze resultaten aanleiding geven tot preventie-strategieën waarbij gebruik gemaakt wordt van verhoogde blootstelling aan natuurlijk licht tijdens de dag. Te denken valt aan dakraam-systemen in klaslokalen en speeltijd-planning in lijn met de biologische klok.

* Het is bekend dat alleen 464 tot 484 nm. blauw licht de biologische klok beïnvloedt, gloeilampen hebben een lage affiniteit in dit lichtspectrum, terwijl computerschermen en sommige LED-lampen een hogere affiniteit in dit lichtspectrum hebben.

Zie http://www.brainclinics.com/relatie-adhd-intensiteit-zonlicht-adhd-preventie voor het gehele persbericht.

Referentie:

Arns, M. van der Heijden, K.B., Arnold, L.E. & Kenemans, J.L. (2013) Geographic variation in the prevalence of ADHD: The Sunny perspective. Biological Psychiatry DOI: 10.1016/j.biopsych.2013.02.010

Dit bericht is 5830 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail