Onderzoek naar depressie stemt optimistisch

Facebooktwitterlinkedinmail

528483-Depression-1364630455-842-640x480

Een op de vijf Nederlanders wordt in zijn of haar leven depressief. Maar is zo’n depressie te voorkomen? De Leidse psychologe Anne-Wil Kruijt deed promotieonderzoek en ontdekte dat depressie in sommige gevallen is te voorspellen.

Vicieuze cirkel

Al langere tijd wordt in de psychologie aangenomen dat iemands neiging om een depressie te ontwikkelen samenhangt met zijn of haar blik op de wereld. De Amerikaanse psychiater Aaron Beck ontwikkelde eind jaren zestig van de vorige eeuw het zogenaamde cognitieve model. Daarin stelde hij dat stressvolle gebeurtenissen ervoor kunnen zorgen dat mensen negatieve gedachten krijgen over zichzelf, de wereld en de toekomst, gebaseerd op vroege ervaringen. Bijvoorbeeld: ‘Ik ben niet de moeite waard, ik heb niks van mijn leven gemaakt en ik zie niet hoe het ooit beter wordt’. Die gedachten gaan gepaard met een negatieve focus op de wereld, waardoor het brein alle positieve informatie wegfiltert. De persoon kan zo in een vicieuze cirkel terechtkomen en een depressie ontwikkelen.

Aandachtsbias

Becks ontwikkelde een therapie om deze negatieve gedachten om te buigen. Die behandeling werd doorontwikkeld tot wat tegenwoordig cognitieve gedragstherapie heet. Maar de laatste jaren is de gedachte ontstaan dat de negatieve focus op de wereld wellicht ook te beïnvloeden is. Want, is het idee, als het mogelijk is om de manier van informatie filteren, aandachtsbias geheten, te beïnvloeden, kan misschien ook een depressie worden voorkomen. Deze Aandachtsbias Modificatie (ABM) wordt daarom gezien als een mogelijke aanvullende therapievorm. De methode is relatief simpel en houdt in dat proefpersonen getraind worden via computertaken om vooral op positieve informatie te letten.

Sceptisch

Promoverend psychologe Anne-Wil Kruijt is echter sceptisch. Zij onderzocht in haar proefschrift de werking van ABM, en is nog niet overtuigd. Kruijt: ‘Uit de experimenten blijkt dat de aandachtsbias door de ABM-training niet consistent veranderde.’ Bovendien bleek dat als dat wel gebeurde, het mogelijk kwam doordat mensen onbewust toch wisten dat ze een training hadden ondergaan. Terwijl uit eerder onderzoek was gebleken dat ABM vooral werkt wanneer mensen zich er niet van bewust zijn dat ze getraind worden. ‘We kunnen kortom nog geen betrouwbare methode ontwikkelen,’ verklaart de promovenda, ‘en dat is wel noodzakelijk wanneer je ABM als therapievorm wilt gebruiken.’

Depressie voorspellen

Kruijt deed echter ook een vernieuwende ontdekking. Een ander onderzoek in haar dissertatie wees uit dat bij mensen die aan het begin van het onderzoek nog nooit depressief waren geweest, door middel van een in Leiden ontwikkelde vragenlijst voorspeld kon worden of zij in de eerstvolgende twee jaar aan een depressie zouden lijden.

Stapje dichterbij

Een enthousiaste Kruijt: ‘Hierdoor zijn we een stapje dichterbij in het voorspellen en misschien dus ook voorkomen van een depressie. Maar dat is allemaal nog theorie. Verder onderzoek is vereist. Ik ga me daar de komende jaren mee bezighouden als postdoc in Oxford.’

Promotie

J.W. Kruijt, 10 september – Depression Vulnerability

(1 september 2014 –Coen van Beelen)

Zie ook

Proefschrift Anne-Wil Kruijt

 Bron: nieuws.leidenuniv.nl 

Dit bericht is 1929 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail