Onderzoek bij apen naar het “blije” hersengebied

Facebooktwitterlinkedinmail

aap-150x150

Een gebied in de cingulate cortex zorgt ervoor dat we blij worden van leuke vooruitzichten. Als het slecht functioneert, worden we depressief. Tenminste, dat is zo bij apen.

Eerder onderzoek wees uit dat er bij mensen met een depressie iets misgaat in een gebied in de voorste hersenkwab van het brein: de subgenuale cortex cingularis anterior. Daarom krijgen mensen die ‘uitbehandeld’ zijn, soms diepebreinstimulatie van dit gebied. Maar welke rol dit gebied precies speelt bij depressie was niet bekend.

Om dat uit te zoeken deden Peter Rudebeck en zijn collega’s van de National Institutes of Health in de VS proeven op zes resusapen. Drie van hen werden geopereerd om weefsel in de subgenuale cortex cingularis anterior te beschadigen. De drie andere apen dienden als controleproefdieren.

Vooraf hadden de dieren geleerd zich te fixeren op een lichtpuntje, waarna ze even moesten wachten om al dan niet een beloning te krijgen in de vorm van water. Als de aap de fixatie verbrak tijdens de wachttijd, dan kreeg hij geen beloning. Bij een ander soort lichtje moesten de apen hetzelfde doen, maar ze kregen achteraf geen beloning.

Zodra de apen alles onder de knie hadden, werden de tests herhaald na de operaties. Bij alle apen vergrootten hun pupillen als ze het lichtje te zien kregen waar een beloning aan vasthing: volgens de onderzoekers een teken van opwinding en blijdschap. Bij de negatieve stimulus gebeurde dat niet. Maar terwijl de controle-apen tijdens het wachten op hun beloning opgewonden bleven, verdween de ‘blijdschap’ bij de apen met hersenschade heel snel.
Onze bevindingen suggereren dat de subgenuale cortex cingularis anterior noodzakelijk is om opgewonden te blijven bij positieve vooruitzichten, concludeert Rudebeck in het vakblad PNAS.

Het gebied speelt hoogstwaarschijnlijk een rol bij het reguleren van emoties en een slechte werking ervan is vermoedelijk verbonden met de passiviteit en het gebrek aan plezier dat stemmingsstoornissen, zoals depressies, kenmerkt. De onderzoekers hopen dat hun studie kan bijdragen tot een betere behandeling van depressies. (lg)

Bron: eoswetenschap.eu 

Dit bericht is 3002 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail