Meisjes geven gedragsproblemen door aan nageslacht

Facebooktwitterlinkedinmail

ImageDisplay.php

Meisjes met gedragsproblemen ontwikkelen meer stoornissen als ze niet afdoende worden geholpen. Bovendien geven ze hun problemen door aan hun kinderen, die ze vaak al op zeer jonge leeftijd krijgen. Tot deze conclusie kwam drs. Elsa van der Molen tijdens haar promotie op 2 oktober.

Verontrustende uitkomsten

Van der Molen, bezig aan een opleiding tot GZ-psycholoog, vindt de uitkomsten van haar onderzoek verontrustend. ‘Als niet effectief wordt ingegrepen, stapelen de problemen van de meisjes zich op: slechte schoolprestaties, gebruik van alcohol en drugs, seksueel risicogedrag, en omgang met delinquente vrienden.’ Die omstandigheden verbreden hun gedragsproblemen en kunnen leiden tot psychische problemen die nog moeilijker aan te pakken of zelfs onomkeerbaar zijn, zoals depressie of een borderline persoonlijkheidsstoornis.

Jonge moeders

Uit Van der Molens onderzoek bleek dat meisjes die in een jeugdgevangenis zitten, of hebben gezeten, een bijzonder kwetsbare populatie vormen. Bij 96% van deze jonge vrouwen was op jong volwassen leeftijd sprake van één of meerdere ongunstige omstandigheden (drugsgebruik, geen dagbesteding, financiële problemen) en bijna twee derde had psychische stoornissen.

De bijzondere aandacht van Van der Molen ging uit naar de jonge vrouwen die al moeder werden: ongeveer een derde van de voorheen gedetineerde meisjes, kreeg al jong een kind. Tijdens de zwangerschap gebruikten de aanstaande moeders veelal nicotine, alcohol en drugs.

Negatieve spiraal
Het blijkt dat de kinderen van deze meisjes een grote kans maken in dezelfde spiraal terecht te komen als hun moeders. Bekend is dat naast genetische kwetsbaarheid voor het ontwikkelen van gedragsproblemen, ook kenmerken van het kind (zoals een driftig temperament, beperkte cognitieve capaciteiten) en omgevingskenmerken (gebrekkige opvoedvaardigheden van de ouders en opgroeien in een slechte buurt) gedragsproblemen bij jongeren voorspellen. Van der Molen: ‘Mijn onderzoek richt zich op kenmerken van de moederrol, aangezien gedragsproblemen vaak overgedragen lijken te worden op de volgende generatie, en moeders een belangrijke rol spelen, met name in de vroege ontwikkeling van kinderen.’

Kosten uitsparen

Van der Molen pleit voor een betere begeleiding van deze kwetsbare groep meisjes. Nu worden meisjes van wie het gedrag echt uit de hand loopt opgesloten in een gesloten jeugdinstelling. ‘Terwijl er effectievere alternatieven zijn’, zegt ze. Ze pleit voor een langere en betere begeleiding van voormalig gedetineerde meisjes. ‘Ze worden nu na hun vrijlating te veel aan hun lot overgelaten, waardoor ze snel weer in dezelfde situatie terechtkomen. Een andere aanpak scheelt heel veel maatschappelijke kosten en veel persoonlijk leed.’

Toegang tot Amerikaanse data
Van der Molen reed twee en een half jaar door Nederland om (voorheen) gedetineerde meisjes te bezoeken. Daarnaast kreeg ze toegang tot de data van een langjarig onderzoek naar gedragsproblemen bij meisjes van het University of Pittsburgh Medical Center in de Verenigde Staten. Ze verbleef voor haar onderzoek drie keer een periode in Pittsburgh.

Deze maand is één van Van der Molens artikelen te lezen in The Journal of Child Psychology and Psychiatry

Holland Doc heeft op 6 februari  de indrukwekkende documentaire Alexandrauitgezonden van Sarah Harkink, één van de deelnemers aan het onderzoek naar jonge vrouwen die in een jeugdgevangenis hebben gezeten.

Bron: nieuws.leidenuniv.nl  

Dit bericht is 2842 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail