LOC brief aan Tweede Kamer over herziening WMCZ

Facebooktwitterlinkedinmail

clientenraaderikbrinkhorst

4 juni 2015 –  Op 11 juni vindt het Algemeen Overleg van de vaste Tweede Kamercommissie VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) plaats. Op het programma: ‘governance’ en de herziening van de Wmcz (Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen). 
Een belangrijk debat voor cliënten(raden) omdat het ook over hun versterking gaat en het ministerie pas verder in actie komt als de Tweede Kamer daartoe opdracht geeft. In aanloop naar dit overleg heeft LOC nu haar vorige brief aan de commissie geactualiseerd. In de brief wordt aangegeven wat volgens cliëntenraden nodig is om tot effectieve medezeggenschap te komen. Daarin zijn ook uitkomsten uit het laatste bezoek van bij LOC aangesloten cliëntenraden aan de Tweede Kamer van afgelopen vrijdag verwerkt.
Utrecht, 4 juni 2015
Betreft: AO governance in de zorg 11 juniGeachte leden,

Op 11 juni heeft u een algemeen overleg over de governance in de zorg. Wij hebben met veel cliëntenraden gesproken wat zij nodig hebben om tot een effectieve medezeggenschap te komen. De belangrijkste conclusies vindt u in deze brief. Daarnaast vindt u een aantal aanbevelingen om tot vernieuwing en verbetering van goed bestuur in de zorg te komen.

Medezeggenschap

Op 22 januari zijn de bewindslieden in een brief ingegaan op versterking de van de medezeggenschap. Inmiddels hebben diverse fracties het initiatief genomen om de financiering van cliëntenraden steviger te verankeren. De bij LOC aangesloten cliëntenraden vinden het belangrijk dat deze regeling inderdaad verbetert. Waarbij zij aangeven dat deze regeling niet tot meer bureaucratie mag leiden. Zoals het sturen van interne rekeningen van de cliëntenraad naar de zorgorganisatie voor het gebruik van faciliteiten. Om daarmee aan te kunnen tonen dat er voldoende geld besteed is aan medezeggenschap.

Cliëntenraden vinden alleen een betere financieringsregeling te mager. Zij willen ook een snelle herziening van de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz). Omdat de huidige wet niet aansluit bij het toenemende belang van cliëntenraden. Daarin willen cliëntenraden in ieder geval het volgende geregeld zien:

    • instemmingsrecht op punten die met de directe levenssfeer van cliënten te maken hebben. Nu hebben zij te weinig gereedschap om hun rol te vervullen waar de verhoudingen moeilijk zijn;
    • een onafhankelijke ondersteuner, die door de cliëntenraad is uitgezocht en goedgekeurd. De ondersteuner verlicht het werk van de cliëntenraad door de raad praktisch te ondersteunen. Een toenemend aantal raden geeft aan hun ondersteuner door bezuinigingen kwijt te raken of hun vertrouwde ondersteuner te moeten verruilen voor een door de instelling uitgezocht persoon;
    • verplichting bij de aanbieder om stukken en adviesaanvragen in voor de cliëntenraad begrijpelijk taalgebruik en compacte vorm aan te bieden. Veel cliëntenraden achten zich anders niet in staat goed te adviseren;
    • verplichting voor de aanbieder om bij beleidsmatige zaken heel duidelijk aan te geven wat het voorstel concreet voor cliënten oplevert (cliënteffectrapportage), zoals bij begrotingen, fusies en bouw. Daarmee kan de cliëntenraad op grond van de gevolgen voor cliënten adviseren in plaats van alleen op abstracte beleidsstukken. Ook de raad van toezicht en de ondernemingsraad kunnen deze rapportages gebruiken.
    • de huidige Wmcz geldt alleen voor de zorg die zorgorganisaties op grond van de Zorgverzekeringswet en Wet langdurige zorg leveren. Dat is voor cliëntenraden onwerkbaar. Zij willen een wettelijk geregelde medezeggenschap voor alle zorgorganisaties, ongeacht of dat Zvw, Wlz, Wmo of Jeugdwet betreft. Juist omdat er vaak binnen één zorgorganisatie vanuit verschillende wetten zorg wordt verleend. En sommige zorgvormen, zoals RIBW’s nu helemaal buiten het wettelijk kader van medezeggenschap passen. Het liefst willen cliëntenraden een wettelijke regeling voor het hele sociale domein;
    • de cliëntenraad is niet op alle plaatsen en in alle omstandigheden de meest optimale vorm om de medezeggenschap vorm te geven. Andere vormen zijn mogelijk en soms wenselijk, maar dan moeten de cliënten zelf kunnen bepalen welke vorm zij willen voor hun medezeggenschap. Zij willen dit recht wettelijk verankerd hebben;
    • handhaving van het bindend voordrachtsrecht voor een lid van de raad van toezicht of het liefst uitbreiding naar minimaal de helft van de leden van de raad van toezicht. Daarbij willen cliëntenraden ook het recht om als cliëntenraad apart met de Raad van Toezicht te kunnen overleggen;
    • passende vergoedingen voor cliëntenraadsleden, zeker als zij een laag inkomen hebben;
    • erkenning van lokale en centrale cliëntenraad in de nieuwe wet;
    • recht op lidmaatschap van een landelijke organisatie;
    • recht op externe ondersteuning, scholing en deskundigheidsbevordering,bijvoorbeeld bij bouw, begrotingen lezen en fusies. Maar ook bij basiskennis over de zorg, functioneren van de cliëntenraad, betrokkenheid van mantelzorgers en overlegvaardigheden.

Daarnaast merken wij dat veel cliëntenraden zelf geen geld durven uitgeven voor scholing of deskundigheidsbevordering. Omdat zij merken dat de financiën in de zorg krap zijn. Voor hun functioneren hebben ze die scholing wel nodig. Graag voeren wij met u het gesprek hoe we kunnen borgen dat alle cliëntenraden voldoende scholing krijgen.

De versterking van de positie van cliëntenraden is door opvolgende kabinetten al lang bepleit. Steeds komen er weer nieuwe ideeën onder welke wet dat moet vallen. Er is ook al lang een Kamermeerderheid voor versterking van cliëntenraden. Wij vragen u dringend nu haast te maken met een adequate wetgeving voor cliëntenraden. En met voorrang de wetsherziening Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) te behandelen.

Vernieuwing

De samenleving verandert in een rap tempo. Dat zien we ook in de zorg. Ons zorgsysteem is in een tijd ontstaan, waarin denken vanuit aanbod domineerde. Inmiddels hechten we steeds meer aan ontplooiing van individuen. En vinden we dat mensen die zorg nodig hebben maximale regie over hun eigen leven moeten kunnen hebben. Los van wat we met elkaar vinden is het ook een realiteit. Mensen zoeken op internet informatie over hun eigen gezondheid; de techniek maakt meer zelfregie mogelijk. Er ontstaan allerlei initiatieven waarbij mensen het heft in eigen hand nemen, zoals zorgcoöperaties.

Opvallend daarbij is dat besturing en toezicht in de zorg nauwelijks mee zijn veranderd. De raad van bestuur heeft de leiding over de zorgorganisatie. De bestuurder heeft afzonderlijk overleg met de raad van toezicht, de ondernemingsraad en de cliëntenraad.
De brief van 22 januari over governance is te weinig vernieuwend. De voorstellen zijn gericht op meer controle, scherpere wet­ en regelgeving en aanscherping van de bestaande verhoudingen. Dat is geen toekomstgerichte weg. Nog meer van hetzelfde doen brengt niet de gewenste verandering.

We zouden moeten starten bij de vragen: wat is het doel van een zorgorganisatie? van wie is die organisatie eigenlijk? Het doel is vooral een maatschappelijke. Daarom zouden we een zorgorganisatie moeten beoordelen op vragen als: in hoeverre is de zorgorganisatie er in geslaagd een maatschappelijke meerwaarde te creëren? Hebben mensen het gevoel dat de zorg hen helpt of heeft geholpen om een zo goed mogelijk leven te hebben? Daarbij bepalen cliënten en medewerkers samen wat kwaliteit is.

Toezicht

Daarmee komt toezicht in de zorg in een heel ander daglicht te staan. Het is niet de raad van bestuur, maar het zijn het de cliënten en de medewerkers die samen bepalen wat goed is en wat niet. En gaat besturing niet over de instelling, maar over de door cliënten en medewerkers benoemde kwaliteit. Zij zijn samen de spil waar het om draait. Zij zouden samen een beslissende stem moeten hebben wat er gebeurt.

En in het geval van een zorgcoöperatie zijn het de bewoners van een zorgcentrum, een wijk of een dorp die eigenaar zijn. Daarmee zijn er heel andere verhoudingen. Het betekent ook een andere rol voor de Inspectie: bij het toezicht rekening houden met welzijnaspecten.

Ambitie

LOC Zeggenschap in zorg pleit daarom voor meer ambitie op het gebied van governance. Onder andere door pilots te houden met eigenaarschap bij de cliënten. Zoals het transformeren van de cliëntenraad in een coöperatie, waarbij de cliënten eigenaar worden van de zorginstelling. Maar ook door pilots te houden waarbij de cliëntenraad, de ondernemingsraad en de raad van toezicht gezamenlijk besluiten wat de zorgorganisatie. doet. LOC is in samenwerking met de NVTZ en de VASMO al bezig om op het gebied van brandveiligheid cliëntenraden, raden van toezicht en ondernemingsraden meer te laten samenwerken. Dat zou ook op andere terreinen kunnen. Waarbij we zullen moeten onderzoeken of een raad van toezicht in de huidige vorm wel nodig blijft.

Wat vragen wij u?

    • Versnelde herziening van de Wmcz met sterkere rechten voor cliëntenraden
    • Ruimte voor pilots, waarbij cliëntenraden en ondernemingsraden samen bepalen wat kwaliteit is
    • Pilots met eigenaarschap van zorgorganisaties bij cliënten en/of medewerkers
    • Pilots waarbij we onderzoeken wat de rol van de Inspectie is als cliënten (meer) eigenaar zijn van zorgorganisatiesVan harte zijn wij bereid om samen met de cliëntenraden hier een bijdrage aan te leveren.

Wij gaan graag het gesprek met u over een werkelijke vernieuwing van de governance en versterking van cliëntenraden in de zorg aan.

Voor vragen of nader overleg kunt u contact opnemen met Joep Bartholomeus: 06 144 37 890 of j.bartholomeus@loc.nl

Met vriendelijke groet,

Marthijn Laterveer Coördinator

Bron: loc.nl 

Dit bericht is 909 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail