Kinderen in maatschappelijke opvang verdienen een toekomst

Facebooktwitterlinkedinmail

jeugd, kind, eenzaam, uitsluiting

26 oktober 2016 – Helaas worden kinderen die met een ouder in de maatschappelijke opvang terecht komen vaak nog niet gezien als een apart individu met eigen behoeften aan steun en hulp, maar slechts als een met de ouder meegekomen kind. Dit zorgt ervoor dat zij tekort gedaan worden. Kinderen zijn namelijk geen volwassenen en hebben dus ook andere behoeftes, belangen en wensen.

Kinderen zijn nog meer dan volwassenen in hoge mate afhankelijk van de wijze waarop de opvang georganiseerd is. Voor een gezonde ontwikkeling zijn zij aangewezen op de steun van de mensen om hen heen. De ontwikkeling van kinderen gaat namelijk door terwijl zij in de opvang zitten. Regelmatig hebben zij hun eigen ideeën over wat zij nodig hebben. Vaak vergeten we hen daarnaar te vragen, met hen te praten of ons in hen te verplaatsen.

In Nederland komen per jaar circa 3.000 kinderen ( 0 t/m 17 jaar) in de maatschappelijke opvang terecht en nog ongeveer 4.300 in de vrouwenopvang. Zij komen daar terecht met één of beide ouders. Ook een deel van de 9.000 dak- en thuisloze jongeren komt ofwel zelf als kind of samen met zijn eigen kind, de nieuwe generatie, in de opvang terecht.

 Kwetsbaar

Kinderen en jongeren in de opvang behoren tot de meest kwetsbare groep in Nederland. Zij komen vaak uit gezinnen die te maken hebben met ernstige sociaal-maatschappelijke én psychische problemen. Zij hebben hierdoor al vroeg te maken met instabiliteit, overbelasting, ontregeling en veel stress. Bijna allemaal hebben ze ingrijpende en mogelijk traumatische gebeurtenissen meegemaakt. Deze factoren vergroten het risico op het ontwikkelen van psychische problemen. Bij kinderen in de opvang komen depressiviteit, posttraumatische stressstoornis, angststoornissen, gedragsstoornissen, een zeer lage zelfwaardering en problemen met leeftijdsgenoten vaker dan gemiddeld voor. Al met al ernstige risico’s voor hun ontwikkeling die de kans op een herhaling van zetten in hun eigen toekomst vergroot.

Hoopvol

Met de juiste ondersteuning kan deze situatie ook een omslagpunt zijn, een nieuw startpunt. Gelukkig ontstaat er meer aandacht voor de specifieke behoeftes van kinderen in de opvang. Vanuit dit oogpunt is het afgelopen jaar de methodiek Veerkracht ontwikkeld: een methodiek met zijn oorsprong in de vrouwenopvang en nu aangepast voor de maatschappelijke opvang. Veerkracht reikt handvatten en werkprincipes aan om oog te hebben en te houden voor kinderen en hun veiligheid en welzijn en om hun ontwikkeling te bevorderen. Daarbij kan gebruik gemaakt worden van de zes pijlers voor hulp aan kinderen (uit Veilige toekomst, pdf) waar de focus op zou moeten liggen binnen de opvang:

  • veiligheid
  • stabiliteit en continuïteit
  • hechting
  • psycho-educatie
  • traumaverwerking en herstel
  • toekomst

Het doorbreken van de hierboven genoemde patronen vraagt echter, naast een methodisch kader voor de begeleiding van de kinderen, ook om specialistische hulpverlening gericht op functioneel herstel. Het gaat bij deze gezinnen namelijk vaak om al langer bestaande problemen op meerdere levensgebieden zoals schulden, werkloosheid, psychische problemen, verslaving, lichamelijke ziektes en een beperkt sociaal netwerk. Die zijn niet van de ene op de andere dag opgelost. Het is daarom aan te bevelen samen te werken met specialistische zorgaanbieders wanneer tijdens de begeleiding gesignaleerd wordt dat dit nodig is. De ervaring leert verder dat begeleiding ná de opvangperiode cruciaal is om de verbetering van de ontwikkelingskansen van het kind en gezin te bestendigen. Het implementeren en doorontwikkelen van best practices is daarom essentieel voor de preventie van dak- en thuisloosheid en bijkomende problemen.

Oproep

Omdat de centrumgemeentes tegenwoordig verantwoordelijk zijn voor de zorg voor de jeugd roep ik hen samen met de instellingen voor maatschappelijke opvang op om te onderzoeken welke aanpak in hun gemeente geboden wordt voor deze doelgroep. Onderzoek samen of de aanpak een best practice is. Kijk of daarbij ook sprake is van samenwerking met specialistische hulpverlening en of er een zorgaanbod is voor na de periode van opvang. Zoek samen oplossingen voor de nog bestaande knelpunten. Doen we wat nodig is voor deze kinderen? Deze kinderen zijn onze toekomst.

Bron: ingezonden bericht

Dit bericht is 1389 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail