Hoe gaat straks verwijzing naar jeugd-GGZ vanuit gemeente?

Facebooktwitterlinkedinmail

jeugd02

De gemeente is straks wettelijk verplicht om jeugd-GGZ in te kopen. Het uiteindelijke resultaat van de jeugdhulpplicht die de gemeente krijgt, verschilt niet van het huidige recht op zorg via de Zorgverzekeringswet. Ook is in de Jeugdwet geregeld dat de directe verwijzingsmogelijkheid door de huisarts, medisch specialist en jeugdarts blijft bestaan.

De gemeente moet zorgen voor een kwantitatief en kwalitatief voldoende aanbod van jeugdhulp dat past en tijdig beschikbaar is. Jeugd-GGZ is daar onlosmakelijk een onderdeel van.

De Jeugdwet regelt dat de directe verwijzingsmogelijkheid door de huisarts, medisch specialist en jeugdarts blijft bestaan. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid om een passend aanbod van jeugdhulp beschikbaar te stellen, waarnaar men kan doorverwijzen. Ook zegt de wet dat gemeenten en deze professionals samen afspraken moeten maken in het kader van de verwijzing.

Hoe bepaalt gemeente de jeugdhulp?

De gemeente bepaalt door een verordening welke vormen van jeugdhulp vrij toegankelijk zijn en welke niet. Bij de bepaling van de uiteindelijke jeugdhulp die een jeugdige krijgt in het kader van een niet vrij-toegankelijke voorziening is sprake van een soort tweetrapsraket.

  • Stap 1: Allereerst heeft de jeugdige een verwijzing nodig van een deskundige in bijvoorbeeld een sociaal wijkteam of een GJG, van een huisarts, een medisch specialist of een jeugdarts op basis van professionele standaarden.
  • Stap 2: Na zo’n verwijzing staat nog niet precies vast welke (behandel-)vorm van jeugdhulp (dus welke voorziening) een jeugdige of zijn ouder precies nodig heeft. In de praktijk is het de jeugdhulpaanbieder (bijvoorbeeld de jeugdpsychiater) zelf, die na de verwijzing beoordeelt welke voorziening precies nodig is. Deze bepaalt dus de inhoud van de zorg en hij bepaalt zijn oordeel mede op de protocollen en richtlijnen die voor een professional de basis van zijn handelen vormt.

De jeugdhulpaanbieder moet zich daarbij houden aan de algemene afspraken die hij daarover met de gemeente heeft gemaakt in het kader van de contract- of subsidierelatie én met de regels die de gemeente bij verordening heeft gesteld over het vrij-toegankelijke en niet vrij-toegankelijke deel van het aanbod. Op deze manier kan de gemeente op een hoger niveau sturen op de inzet van jeugdhulp.

Vergelijkbaar met Zorgverzekeringswet

Sturing door de gemeente is daarmee te vergelijken met de manier waarop verzekeraars het nu ook doen binnen de Zorgverzekeringswet. Hoogstens in zeer uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld bij zeer kostbare behandelingen, oefent de gemeente op individueel niveau invloed uit. Ook in de Zorgverzekeringswet bestaat deze mogelijkheid. Zo kunnen zorgverzekeraars de eis stellen dat voor de vergoeding van zeer dure operaties vooraf toestemming nodig is van de verzekeraar.

Waarborgen

Ook met de overheveling naar de Jeugdwet blijft jeugd-GGZ gezondheidszorg. Voor de jeugd-GGZ blijven de Wet op de Geneeskundige Behandel Overeenkomst en de wet-BIG gelden. Van kracht blijven ook de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen en de Wet verplichte GGZ. Daarnaast zijn kwaliteitsregels, cliëntenrechten en bepalingen voor klachtrecht die nu gelden voor de geestelijke gezondheidszorg doorvertaald naar de Jeugdwet. De beroepsgroepen blijven verantwoordelijk voor richtlijnontwikkeling. Vanzelfsprekend blijft de IGZ toezicht houden op de Jeugd-GGZ.

Meer informatie op Voordejeugd.nl

Bron: vng.nl 

Dit bericht is 2998 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail