GGZ, stop bangmakerij!

Facebooktwitterlinkedinmail

eerste kamer

Onlangs stemde de Eerste Kamer in met de nieuwe Jeugdwet. Een heugelijk feit voor iedereen die hard heeft gewerkt om dit mogelijk te maken. En toch spreekt de ggz van een zwarte dag.  Ze geven aan dat gemeenten nu aan zet zijn om hun kennisachterstand op het gebied van de jeugd-ggz in te halen en hun infrastructuur hierop in te richten. Wat mij betreft is dit de wereld op zijn kop.

De afgelopen periode hebben gemeenten bergen verzet om zich voor te bereiden op de decentralisatie. Experimenten werden gestart, symposia en conferenties georganiseerd. Zorgaanbieders en gemeenten gingen met elkaar aan tafel om met elkaar te spreken over de nieuwe bestuurlijke structuur en verantwoordelijkheden, de stelselinrichting en een nieuwe manier van integrale hulpverlening. Maar niet de ggz: die was tegen en hield angstvallig de kaarten voor de borst.

De clou van de decentralisatie is het tegengaan van versnippering en andere problemen, zoals de demedicalisering of de snelle groei van de jeugd-ggz de afgelopen jaren. De hulpverlening moet bestaan uit een gecoördineerde maatwerkaanpak waar verschillende disciplines in samenwerken. Het kan hierbij gaan om (een combinatie van) opvoedproblemen, gedragsproblemen, psychiatrische stoornissen en beperkte verstandelijke vermogens bij kind en/of ouders.

De contramine van de ggz is gebaseerd op een aantal legitieme zorgen, waaronder het gebrek aan inhoudelijke kwaliteit bij gemeenten om hun opdrachtgeverschap in te vullen en het verlies van kwaliteit door bezuinigingen. Ook is men bang dat gemeenten zich gaan bemoeien met individuele zorgtoewijzing, bijvoorbeeld als het gaat om de dure zorgvormen. Zorgen die overigens gelden voor alle vormen van gespecialiseerde zorg.

In plaats van deze zorgen te delen en zich in te spannen voor een zorgvuldige invoering van de Jeugdwet, ging men bij de ggz met de hakken in het zand. Er werd mondjesmaat informatie gedeeld met gemeenten, men werkte sporadisch mee aan kennisoverdracht en leverde amper input voor de inrichting van het nieuwe stelsel. In tegendeel: de lobbymachine draaide op volle toeren om de decentralisatie tegen te houden. Kosten nog moeite werden gespaard en de deur naar de gemeenten ging potdicht. Schaamteloos.

Nu de wet door de Eerste Kamer is, zou je zeggen dat men in beweging komt. Maar nee: de bal wordt opnieuw bij gemeenten gelegd. Die moeten in actie komen. De sector zelf gaat eerst met de staatssecretaris om tafel om nog zoveel mogelijk garanties binnen te harken. Wij mij betreft is dit een houding die haaks staat op het belang van de jeugdige(n). Als die daadwerkelijk centraal staat, ga dan met elkaar aan de slag!

De jeugd-ggz is een belangrijke discipline binnen de gehele zorg voor jeugd. Nut en noodzaak staan buiten kijf. Spijtig genoeg wordt iedereen die kritisch is op de houding en het gedrag van de ggz-sector tijdens de decentralisatie (zoals ik nu) afgespiegeld als iemand die niet het beste voor zou hebben met het geestelijk welzijn van onze jeugd. Alleen mensen “met  kennis van zaken” zoals ouders van kinderen met ggz-problematiek en hooggeleerde hulpverleners zouden recht van spreken hebben. Ik verwerp dit met kracht.

Dit is een dringende oproep aan de ggz. Stop met de bangmakerij richting ouders, alsof kinderen met autisme of andere stoornissen straks niet de juiste zorg zouden krijgen. Ga trainingen organiseren om je kennis over te dragen, ook aan aankomende raadsleden en wethouders. Wees transparant over wat specialistische zorg kost en wat het oplevert. Benadruk je meerwaarde en deskundigheid, zodat gemeenten het goede kunnen behouden, zoals zeer specialistische zorg.

Neem een voorbeeld aan provincies als Utrecht en de Stadsregio Amsterdam. Kom in bewegingen en wordt een constructieve partner in de decentralisatie, om de zorg voor jeugd in het nieuwe stelsel  tot een succes te maken.

Bas Meijer

Auteur is voormalig beleidsmedewerker Jeugdzorg bij de Provincie Utrecht en Kandidaat gemeenteraadslid D66 Utrecht

Bron: binnenlandsbestuur.nl 

Dit bericht is 2039 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail