GGZ-instellingen verbeteren gestaag hun financiële positie

Facebooktwitterlinkedinmail

27 juni 2018 – In 2017 namen de opbrengsten van de grootste tien GGZ-instellingen toe naar totaal 2,5 mrd euro. Dit blijkt uit een benchmark van Adstrat op basis van de jaarverslagen. De stijging bedroeg gemiddeld 3,2 procent. De GGZ-organisaties Arkin, Dimence, GGNet en Parnassia groeiden vorig jaar het meest, terwijl de opbrengsten van de aanbieders Pro Persona en Lentis juist daalden.

De grootste GGZ-organisatie bleef Parnassia in Noord-Holland, Haaglanden en Rijnmond met een budget van 825 mln euro. De groei van de opbrengsten onder de grotere instellingen ging gepaard met een stijging van 3,4 procent van de opbrengsten per medewerker naar gemiddeld 94.100 euro. Deze toename wijst op een verdere verbetering van de inzet van medewerkers onder de grote GGZ-aanbieders in termen van formatiemix, productiviteit en overhead.

Het aantal voltijdbanen bij de top-10 GGZ-instellingen daalde met 0,8 procent naar bijna 26.000. Bij Parnassia nam het aantal banen af met 93 naar 8.260. Daarmee is de werkgelegenheid bij de grotere aanbieders vorig jaar verder onder druk gekomen in lijn met de ontwikkeling voor de sector van geestelijke gezondheidszorg in het geheel. Wel verdienden bij de grotere aanbieders medewerkers in 2017 gemiddeld meer dan het jaar ervoor. Per voltijdbaan stegen de personeelsuitgaven met 3,9 procent naar 71.300 euro per medewerker tegenover een sectorbrede CAO-verhoging van 1,6 procent. De indruk bestaat dat bij de grotere instellingen de formatiemix geleidelijk zwaarder wordt door de keuze om zich meer te richten op meer complexe zorg en de uitbesteding van ondersteunende, lager betaalde activiteiten.

Door de hogere opbrengsten verbeterden de financiële resultaten aanmerkelijk. Ondanks een kostenstijging van gemiddeld 2,5 procent nam in 2017 het bedrijfsresultaat van de top-10 toe met liefst 37 procent. De grootste instelling Parnassia boekte een lager bedrijfsresultaat van 20,8 mln euro. Ook Lentis en InGeest boekten vorig jaar een positief resultaat. De personeelskostenquote bleef onder de grote aanbieders gemiddeld onveranderd, terwijl de algemene kosten licht afnamen. Door de kostenbeheersing steeg het gemiddelde bedrijfsresultaat van de GGZ-instellingen van 1,8 naar 2,4 procent. Het netto resultaat na rentelasten nam toe van 0,3 naar 1,3 procent. Door vrijval van voorzieningen uit vorige jaren wordt het resultaat licht hoger voorgesteld. Zonder voorzieningen bedroeg in 2017 het netto resultaat 0,8 procent.

Door de positieve resultaten verbeterde ook de schuldpositie aanzienlijk, laat de benchmark zien. De netto schuld daalde vorig jaar met 21 procent naar 376 mln euro. Daarmee lijkt de top-10 GGZ-organisaties de bedrijfsvoering gestaag op orde te krijgen. Circa 90 procent van de leningen was langlopend. In verhouding tot het resultaat hadden Dimence, GGz Centraal, GGz Eindhoven en Lentis de hoogste schuld. Vooral de hoge schuldpositie van GGz Eindhoven viel uit de toon. Een relatief lage schuld hadden juist Arkin, GGNet, InGeest en Parnassia. InGeest was netto praktisch schuldvrij. De netto schuldpositie van de top-10 verbeterde door zowel meer aflossingen als meer liquide middelen. De bankstand bedroeg gemiddeld 31 mln euro, een buffer ter grootte van circa 1,5 maand budget. De kasmiddelen van Parnassia beliepen 150 mln euro.

De liquiditeitspositie van de GGZ-aanbieders blijft onverminderd goed. De current ratio steeg licht van 1,4 naar 1,5 en het werkkapitaal daalde van 3,2 naar 2,8 procent van de opbrengsten. Daarmee konden de grotere GGZ-instellingen vorig jaar beter aan hun kortlopende verplichtingen voldoen dan ervoor. Het weerstandsvermogen, het eigen vermogen ten opzichte van de opbrengsten, verbeterde licht naar de gangbare norm van 25 procent. Tegelijkertijd nam de solvabiliteit toe van 35 naar 38 procent. Een belangrijke onderliggende reden voor de verbeterde vermogensstructuur is de afname van investeringen in vaste activa. Deze daling maakt duidelijk dat de grotere GGZ-aanbieders hun vastgoed per saldo verder hebben afgebouwd. In 2017 investeerde de top-10 samen 110 mln euro in vaste activa waaronder huisvesting voor verblijf en behandeling.

De GGZ-benchmark is net als vorig jaar uitgevoerd door Adstrat Consulting. Volgens Gérard Brockhoff, partner en strategieadviseur bij Adstrat, laat de benchmark goed zien dat de grotere instellingen hun financiële positie gestaag hebben verbeterd. “Ondanks de beddenafbouw en tarievendruk groeiden vorig jaar praktisch alle GGZ-aanbieders en kwamen alle instellingen uit de rode cijfers. De benchmark onderstreept dat de top-10 de bedrijfsvoering weer op orde krijgt en door de bank genomen financieel gezond wordt. De meeste financiële indicatoren zijn weer positief. Dat is belangrijk gezien de verwachte negatieve effecten van ontwikkelingen in de GGZ-sector waaronder de vermaatschappelijking en ambulantisering. Daarmee blijft de optimalisatie van de bedrijfsvoering de komende jaren hoog op de agenda staan.”

De benchmark is uitgevoerd op basis van de gedeponeerde jaarrekeningen over 2017. De benchmark bestond uit Parnassia, Arkin, Pro Persona, GGz Centraal, Dimence, Lentis, GGz Eindhoven, GGNet, Breburg en InGeest. Altrecht en Rivierduinen hebben hun jaarrekening nog niet gedeponeerd.

Neem contact op over benchmark.

Bron: adstrat.com

Dit bericht is 904 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail