GGZ in Nederland: luid de noodklok

Facebooktwitterlinkedinmail

NOODKLOK

Sinds vijf jaar ben ik werkzaam als psychiater; een zeer interessant beroep, ik zou niet anders willen. Maar veel heb ik in die relatief korte tijd zien veranderen. Ik wil de noodklok luiden over het langzaam maar gestaag afbrokkelen van de geestelijke gezondheidszorg in Nederland.
Kinder- en jeugdpsychiaters stonden vorig jaar op de barricades naar aanleiding van de overheveling van de kinder- en jeugdpsychiatrie naar de gemeenten. Hun strijd heeft niet mogen baten. Op dit moment is de situatie in de gehele ggz nijpend en deze vraagt mijns inziens om actie. Uit een recente ledenpeiling van de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV) blijkt dat twee op de drie huisartsen moeite hebben met het verwijzen van een patiënt naar de ggz. Het Landelijk Platform GGZ meldt dat wachtlijsten inmiddels oplopen tot een half jaar. Mensen zien af van hulp, waardoor klachten de kans krijgen te verergeren.
Hulpverleners in de ggz zien hun werk veranderen en hebben een onbestemd gevoel. Zij willen iets doen, maar weten niet wat. Ik zal proberen de belangrijkste veranderingen uiteen te zetten om vervolgens met een actieplan te komen. Dat ik feitelijk onvolledig zal blijven, moet u mij niet kwalijk nemen; er zijn simpelweg te veel veranderingen doorgevoerd.
Laat ons beginnen met het bezuinigingsbeleid voor de ggz van minister Schippers. Dit laat zich het best omschrijven als ‘downsizen, downgraden en delegeren’.

Rücksichtslos downsizen 
Het downsizen (in beter Nederlands ‘snijden’) is gestart toen duidelijk werd dat door opgelegde marktwerking in de ggz er niet minder, maar juist meer zorgaanbieders bij waren gekomen. Dit zorgde voor kostenstijging in plaats van -daling. Er moest, logischerwijs, bezuinigd worden. Die bezuinigingen, moeten we nu concluderen, zijn rücksichtslos en met weinig visie doorgevoerd.
Eén op de drie bedden wordt opgeheven. Psychiatrische patiënten in crisis worden pas op het allerlaatste moment opgenomen, waardoor ziektebeelden en agressie op de afdelingen in korte tijd veel ernstiger zijn geworden. Ernstig voor de patiënt, maar zeker ook voor de medewerkers die met meer agressie te maken krijgen. Van mijn collega’s van de gesloten afdeling waar ik vijf jaar geleden werkte, hoor ik: ‘je herkent het niet meer terug’. Minder tijd om te praten met de patiënt, meer repressie, meer dwang.
Het doorvoeren van bezuinigingen betekent ‘snijden op de werkvloer’. Zorgvuldig opgebouwde teams met kennis van zaken worden uit elkaar getrokken en hoogopgeleide hulpverleners met jaren ervaring komen thuis te zitten.

Downgraden van werk
Daarna kwam het downgraden: de behandelingen moeten door een zo goedkoop mogelijke kracht worden uitgevoerd. Daarvoor worden goedkopere basispsychologen in de ggz aangetrokken om de patiënt te behandelen, als de huisarts deze überhaupt nog aangemeld krijgt (zie eerder). Huisartsen raken overvraagd en overbelast. Zij hebben consulten van slechts 10 minuten, veel te kort voor deze ingewikkelde problematiek.
Gevangenissen en sociale opvangplaatsen (huizen voor onbehuisden), niet geoutilleerd om met ernstige vormen van psychiatrie om te gaan, stromen vol met crisisgevoelige mensen. Zij worden de nieuwe psychiatrische klinieken.

Verlammende controles
En dan het delegeren: minister Schippers heeft de zorgverzekeraars het mandaat gegeven om met methodes genaamd ROM (Routine Outcome Monitoring) en benchmark behandelingen en behandelcentra onderling met elkaar te vergelijken. Dit heeft ‘primair tot doel de behandeling te ondersteunen en verbeteren’, zo lezen we in het Bestuurlijk Akkoord Toekomst ggz 2013-2014.
Checks en controles mochten ooit een goed idee zijn, ze hebben nu vooral een verlammende en frustrerende werking op behandelaren en doen daarmee de behandelingen geen goed. De meetinstrumenten zijn aantoonbaar niet in staat om een uitspraak te kunnen doen over kwaliteit of duur van behandelingen, maar worden wel hiervoor gebruikt.
De alarmerende uitzending van het tv-programma Zembla liet zien dat deze methode is doorgeslagen en niet meer als doel het verbeteren van zorg heeft. Het is een stok geworden om de hond mee te slaan en een manier om kortingen op te leggen. Psychiater Jim van Os, die zich al jaren verzet tegen dit oneigenlijke gebruik, wees in Trouw onder meer op de ondoelmatigheid van deze gang van zaken en de enorme kosten die het met zich mee brengt.[1]
Vooral dit laatste aspect van Schippers’ beleid – het delegeren aan de zorgverzekeraars – krijgt aandacht in de media. De zorgverzekeraar heeft de macht en bepaalt. O.a. de Groene Amsterdammer bericht uitgebreid over ‘de bureaucratische chaos (…) in het spiegelpaleis van de zorgfinanciering’ en beschrijft de hopeloze alledaagse excessen.[2]

Privacy
Een hierbij komend belangrijk probleem is de privacy van de patiënt. De Zembla-uitzending toont aan dat deze niet gewaarborgd is. Dit is voor de ggz een zeer groot probleem. De privacy van onze patiënten is namelijk het fundament van onze behandeling. Dit is de reden dat patiënten zich bij ons durven uit te spreken. Geestelijke gezondheidszorg is al moeilijker toegankelijk geworden, maar zonder een gegarandeerd privacy-beleid kan de laatste therapeut de deur achter zich dicht trekken. Want wie durft er dan nog zijn hart te luchten?
En het houdt niet op, de volgende maatregel dient zich al weer aan: de vrije artsenkeuze is straks van de baan. Hulde aan de VvAA die op 23 april 2014 een paginagrote advertentie plaatste in de NRC om Kamerleden te wijzen op de negatieve gevolgen wanneer zij hiermee instemmen. Helaas heeft ook dit niet mogen baten.

Verantwoorde zorg bedreigd
Behandelaren in de ggz hebben een verantwoordelijke baan. Wij helpen mensen met een probleem dat ze nou juist niet zelf of met de buurvrouw kunnen oplossen. Sociale contacten in de zin van buurtbewoners, partners of familieleden kunnen heel belangrijk zijn voor het welzijn van een patiënt, ze kunnen echter een behandeling niet vervangen en zijn soms zelf juist (een onderdeel van) het probleem. Solidariteit neemt af in dit land en men verkiest de lusten van de vrijheid – ‘ik doe wat ik wil’ – boven de lasten – ‘los jij je probleem zelf maar op’. Hoe denkt de overheid onder deze omstandigheden de participatiemaatschappij vorm te gaan geven?
Het tuchtrecht is er om behandelaren ter verantwoording te roepen voor hun handelen, de inspectie van de gezondheidszorg is er om organisaties te controleren op kwaliteit van de zorg. Maar verreweg de meeste tijd zijn wij kwijt aan de administratieve verantwoording aan de zorgverzekeraars. Diezelfde zorgverzekeraars overigens, die de laatste jaren beschamende miljardenwinsten behalen.
De vraag is dan ook niet hoeveel bezuinigingen de ggz nog aan kan. De vraag is: wat is (nog) verantwoorde zorg? Niet de verantwoording middels talloze vragenlijstjes aan de zorgverzekeraars, maar verantwoord voor onze patiënten en hun naasten. Kunnen wij onder de huidige omstandigheden nog spreken van een gezonde ggz, die haar taak naar behoren kan uitvoeren?

Hoofdbehandelaarschap en regeldruk
Psychische en psychiatrische problemen zijn ingewikkeld en veel omvattend. Simpelweg de bezem door de ggz brengt risico’s met zich mee. Natuurlijk, niet alles is kommer en kwel. Zo is de discriminerende zorgtoeslag na een jaar van veel lobby en overleg teruggedraaid en is onlangs besloten dat langdurige ggz-patiënten een plaats krijgen in de Wet Langdurige Zorg (Wlz). Maar dit zijn druppels op een gloeiende plaat.
De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) en GGZ Nederland zitten gelukkig niet stil. De eerste organiseert op 25 juni 2014 een discussiebijeenkomst over het hoofdbehandelaarschap. Dat ook dit een hot issue is bewijst het feit dat de bijeenkomst binnen een aantal weken was volgeboekt. Maar de voorzitter van de NVvP heeft ook wat uit te leggen. Namelijk, in zijn brief naar VWS van 24 september 2013 pleit hij er voor ‘dat het hoofdbehandelaarschap in de gespecialiseerde gezondheidszorg alleen ingevuld kan worden door de psychiater en de klinisch psycholoog‘. Op mijn poliklinische werkplek zou dat betekenen dat ik als psychiater een verzesvoudiging zou krijgen van mijn caseload, een voor iedereen inclusief mijzelf zeer onwenselijke situatie.
GGZ Nederland nam het initiatief om op 22 mei 2014 met alle partijen die betrokken zijn bij het Bestuurlijk Akkoord om de tafel te gaan zitten om afspraken te maken over de doorgeslagen regeldruk (ondertussen tussen de 17% en de 31,5 % van de totale kosten). Maar is het genoeg?

Actie
Het is aan GGZ Nederland en de verschillende beroepsorganisaties in de ggz om duidelijk te maken dat wij er voor mensen met psychische problemen zijn, mits wij ons werk op een gewaarborgd niveau kunnen blijven uitoefenen en we onze patiënten kunnen garanderen dat hun verhaal veilig is bij ons.
Als inderdaad alle partijen van het Bestuurlijk Akkoord weer om de tafel komen, dan is het aan GGZ Nederland om de vraag te stellen ‘What’s in there for us?’. Het kan en mag niet zo zijn, dat door de bezuinigingen de geestelijke gezondheidszorg opdroogt in dit land. In het Bestuurlijk Akkoord lezen we: ‘Partijen zullen in 2012 plannen van aanpak opstellen (…) waaronder het verminderen van administratieve lasten’. Het is ondertussen 2014 en deze lasten zijn alleen maar erger geworden.
Wijs beleidsmakers op de gevolgen van Schippers’ ‘downsizen, downgraden en delegeren’-beleid. Benadruk dat bezuinigingen ook risico’s met zich meebrengen voor de veiligheid niet alleen van de psychiatrische patiënt, maar vooral ook voor de maatschappij.
De website van GGZ Nederland geeft de mogelijkheid om via het ‘meldpunt knelpunten zorgcontractering’ misstanden met zorgverzekeraars aan te kaarten. Een meldpunt ‘calamiteiten ten gevolge van bezuinigingen’ zou daarnaast een goede optie zijn. Een incident of calamiteit zegt vaak meer dan 100 beleidsnota’s. Dat ik in dit stuk geen individuele incidenten of calamiteiten noem, wil niet zeggen dat er niet tientallen zijn geweest. Via bovengenoemd meldpunt zouden deze geclusterd kunnen worden in een database, om een bredere analyse te kunnen maken en tendensen te kunnen bespeuren.
Wijs tevens op het Bestuurlijk Akkoord waarin staat dat ‘vanaf 2014 de informatie op persoonsniveau beschikbaar’ is. Is patiëntenprivacy nog gegarandeerd?
Ten slotte: werknemers in de ggz willen zich uiten, maar weten niet hoe. Door elke dag geconfronteerd te worden met de negatieve effecten van de bezuinigingen voelen zij zich machteloos en vrezen de toekomst. Genoeg ‘markt’ en ‘merk’! Tijd voor ‘mens’ en ‘methode’! Wie neemt het initiatief voor acties op het Malieveld?

Door Bas Frelier

B.S. Frelier is psychiater in Amsterdam en schrijft op eigen titel.

[1] Meten of behandeling effect heeft, psychiaters worden er gek van, Trouw, 6 april 2014.
[2] Onderzoeksdossier, Het zorgkostendebacle, De Groene Amsterdammer, 5 juni 2014

Bron: mgvonline.nl 

Dit bericht is 9186 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail