Financiering van kleinschalige lokale ggz voorzieningen blijft een probleem

Facebooktwitterlinkedinmail

4 december 2017 – Kleinschalige lokale voorzieningen voor mensen met psychische problemen hebben moeite om de eindjes aan elkaar te knopen. De bestaande regelingen sluiten soms slecht op elkaar aan. Daar is geen pasklare oplossing voor, maar er is wel een richting waarin gedacht kan worden, zo schrijft Marie Antoinette Bäckes bij socialevraagstukken.nl

Er zijn in Nederland diverse kleinschalige initiatieven die proberen kwetsbare mensen op de rails te houden. Denk daarbij aan: inloophuizen, begeleiding naar werk of een eigen onderneming, begeleid leren, begeleid wonen, alternatieve vormen van opvang, buurtcirkels, buddyzorg, et cetera. Deze initiatieven zijn vaak domeinoverschrijdend: ze balanceren op het grensvlak van behandeling, zorg en het sociale domein (welzijn, wonen, dagbesteding, werk).

Nieuwe vormen van opvang, werken en wonen

Vanuit een streven naar vermaatschappelijking zoeken de samenwerkingsinitiatieven naar nieuwe vormen van opvang, werken en wonen voor mensen met psychische aandoeningen of ggz problematiek. Er zijn op dit moment 27 projecten zijn aangesloten bij het programma ‘Nieuwe wegen ggz en opvang’dat opgezet is om de langdurende ggz en maatschappelijke opvang anders in te richten.

Uitgangspunten zijn: betere samenwerking tussen de verschillende sectoren en een grotere inbreng van cliënten en ervaringsdeskundigen.

Moeizame samenwerking

Het punt is dat de meeste van deze initiatieven kampen met financieringsproblemen. De voorzieningen worden bezocht door een verscheidenheid aan mensen met diverse problematieken. De vergoedingen hiervoor moeten uit verschillende potjes komen en dat is lastig, want de samenwerking tussen de ggz en het sociaal domein verloopt moeizaam. De verschillende regelingen, zoals de Jeugdwet, Wmo, Participatiewet, de Zorgverzekeringswet en de Wet Langdurige Zorg sluiten niet goed op elkaar aan. Daarbij komt ook nog eens dat het voor de innovatieve projecten moeilijk is om structurele financiering over langere tijd te krijgen. En dat is belangrijk om succesvolle initiatieven te kunnen doorontwikkelen.

Het ziet er niet naar uit dat er snel verandering in deze situatie zal komen. De vraag is daarom wat de mogelijkheden zijn om de financiering van deze kleinschalige initiatieven voor elkaar te krijgen. Dat hangt natuurlijk af van de lokale situatie, maar in zijn algemeenheid valt er toch een richting te geven waarin een oplossing gezocht moet worden.

Allereerst is het belangrijk dat de aanbieders van behandeling, zorg en welzijn, de gemeente(n) en zorgverzekeraar elkaar weten te vinden. Dan nog moeten ze bereid zijn om actief mee te denken vanuit het maatschappelijk belang. Vervolgens is het zaak dat ze met elkaar overeenkomen welke gezamenlijke ambitie ze willen nastreven. Als iedere partij dan ook nog eens vanuit de eigen discipline nagaat welke financiële bijdrage geleverd kan worden, dan is er veel mogelijk.

 

Om hulp te bieden aan kwetsbare mensen in de wijk is het nodig om domeinen te overschrijden en samen te werken. Voor de financiering van samenwerkingsinitiatieven geldt dat evenzeer.

Marie-Antoinette Bäckes is programmaleider Nieuwe wegen ggz en opvang.

Bron en het hele artikel op socialevraagstukken.nl

Dit bericht is 2169 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail