DSM-5 spoort aan tot onderzoek naar internetgamingstoornis

Facebooktwitterlinkedinmail

images
Deel III van de DSM-5 bevat een verzameling stoornissen waarvan de classificatiecriteria nog niet voldoende wetenschappelijk onderzocht zijn. Deze stoornissen zijn toch in de DSM-5 opgenomen, om het huidige wetenschappelijke inzicht te laten zien en om verder onderzoek te stimuleren. Een van de stoornissen die in Deel III is opgenomen is internetgamingstoornis.

Internetgamingstoornis

De internetgamingstoornis is opgenomen in deel III van de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM-5) als een aandoening die verder onderzoek en praktijkervaring behoeft voordat kan worden overwogen deze als formele stoornis in het hoofdwerk op te nemen.

Een nieuw verschijnsel

Het internet is tegenwoordig een volledig en zelfs onontkoombaar onderdeel van het leven van velen. Via het internet versturen mensen berichten, lezen zij nieuws, doen ze zaken en nog veel meer. In de recente wetenschappelijke literatuur zijn de eerste onderzoeken gepubliceerd naar het feit dat mensen een preoccupatie ontwikkelen met bepaalde onderdelen van het internet, vooral met online games. Deze ‘gamers’ zijn drangmatig aan het gamen, ten koste van andere interesses, en hun aanhoudende en herhaaldelijke online activiteiten veroorzaken een klinisch significante lijdensdruk of beperkingen. Mensen met deze aandoening brengen door hun langdurige gamen hun opleiding of beroepsmatige functioneren in gevaar. Wanneer hun de mogelijkheid tot internetgamen wordt ontnomen, ervaren zij onttrekkingssymptomen.

Veel van de literatuur is gebaseerd op onderzoeksgegevens uit Aziatische landen, en concentreert zich vooral op jonge mannen. Uit deze onderzoeken valt op te maken dat bij mensen die drangmatig internetgamen specifieke gebieden in de hersenen worden geactiveerd en dat dit op dezelfde directe en intensieve manier gebeurt als bij iemand die verslaafd is aan een drug. Het gamen veroorzaakt een neurologische reactie die een goed gevoel en een gevoel van beloning geven, wat zich in extreme gevallen uit als verslavingsgedrag.

Verder onderzoek zal uitwijzen of de voorgestelde criteria gelijke patronen van overmatig online gamen blootleggen. Momenteel is in de criteria voor deze aandoening alleen het internetgamen opgenomen en niet het internetgebruik in het algemeen, noch het online gokken of de sociale media.

Door de internetgamingstoornis in deel III van de DSM-5 op te nemen, hoopt de APA nader onderzoek aan te moedigen, zodat kan worden vastgesteld of deze aandoening als stoornis in het handboek kan worden opgenomen.

De DSM is het handboek voor clinici en onderzoekers bij de classificatie van psychische stoornissen. De American Psychiatric Association (APA) heeft in 2013 de DSM-5 uitgebracht na een revisieproces van 14 jaar. Zie voor meer informatie www.DSM-5-NL.org.

© 2013 American Psychiatric Association. Nederlandse vertaling: Boom uitgevers Amsterdam. Dit whitepaper is vrij te gebruiken voor niet-commerciële doeleinden. Voor commercieel gebruik dient u contact op te nemen met Boom uitgevers Amsterdam, info@boompsychologie.nl of (020) 524 45 14.

Dit whitepaper is vertaald door Hilde Merkus (MedicaMerkus B.V.). Met dank aan prof. dr. Michiel W. Hengeveld.

Dit bericht is 4685 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail