De Monitor: 80% van hulpverleners in psychiatrie te maken met geweld patiënten

Facebooktwitterlinkedinmail

24 april 2018  – Vanavond gaat de uitzending van onderzoeksprogramma De Monitor (KRO-NCRV) over agressie en geweld van cliënten tegen hulpverleners in de psychiatrie. In de uitzending (en online) laat men o.a de resultaten zien van een enquête afgenomen onder werknemers in de GGZ.

Ruim tachtig procent van de hulpverleners in de psychiatrie heeft de afgelopen vijf jaar verbaal én fysiek geweld meegemaakt. Een derde geeft zelfs aan enkele keren per week met agressieve patiënten te maken te hebben. Dat blijkt uit onderzoek van De Monitor (KRO-NCRV) voor een uitzending over agressie tegen hulpverleners in de psychiatrie. Deze cijfers zijn afkomstig uit een enquête onder hulpverleners in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) in samenwerking met de beroepsorganisatie voor verpleging en verzorging NU’91. 

Het type geweld dat het hoogst scoort, is schelden (97,96%), gevolgd door poging tot fysieke agressie (82,23%), gooien met voorwerpen of vloeistof (68,24%), slaan/stompen/schoppen (66,98%), duwen/trekken/vasthouden (62,26%) en spugen (52,20%). Deze resultaten zijn afkomstig van 636 respondenten. 

Gedwongen ontslag agressieve patiënten

‘Het gaat om een relatief kleine groep patiënten die verantwoordelijk is voor de grote hoeveelheid geweldsincidenten,’ aldus Gerco Blok, psychiater en lid van de Raad van Bestuur van de Zeeuwse ggz-instelling Emergis. Volgens Blok moeten deze patiënten doorgeplaatst worden naar forensische afdelingen of klinieken, waar meer beveiliging en toezicht is dan in reguliere ggz-instellingen. Maar zonder strafrechtelijke vervolging lukt het vaak niet om patiënten overgeplaatst te krijgen. Agressieve patiënten blijven daardoor te lang binnen de muren van een gewone ggz-instelling. In sommige gevallen worden deze patiënten zelfs gedwongen ontslagen, omdat zij anders een te groot gevaar vormen voor hulpverleners en medepatiënten binnen de instelling, aldus Blok.

Slechts tien procent zaken vervolgd

Aangifte doen van dit geweld heeft alleen niet altijd zin. Want ondanks de ernst van sommige geweldsincidenten blijft vervolging door het Openbaar Ministerie vaak achterwege. Dat vertelt Joke Harte, onderzoeker aan de Vrije Universiteit, in de uitzending van De Monitor. Zij onderzocht ruim 2.600 geweldsincidenten die door ggz-medewerkers waren gemeld. 704 daarvan leidden er tot een aangifte en slechts tien procent daarvan resulteerde in een strafvervolging.

‘Een schrikbarend laag aantal,’ vertelt Harte. Terwijl het vaak geen kleinigheid is waar medewerkers aangifte van doen. Zo vertelt Harte een verhaal over een verpleegkundige die de cel werd ingetrokken door een patiënt om haar daar te verkrachten. De verpleegkundige doet aangifte van het incident, maar dan hoort ze van het Openbaar Ministerie dat ze haar zaak gaan seponeren. ‘De gedachte van het OM was: ‘Deze patiënt is ziek, en dus ontoerekeningsvatbaar.’ Maar of die patiënt werkelijk ontoerekeningsvatbaar is, wordt niet onderzocht. En daar heb je het dan als hulpverlener mee te doen,’ aldus Harte.

‘Hulpverleners binnen de psychiatrie zijn onvoldoende beschermd’

Harte en Blok vinden dan ook dat aangiftes van hulpverleners in de psychiatrie meer serieus genomen moeten worden. ‘Je moet een duidelijk signaal kunnen afgeven van dit accepteren wij hier niet. Patiënten moet je namelijk ook aanspreken op hun gezonde kant. Het is dan heel frustrerend als het Openbaar Ministerie je zaak seponeert zonder het te onderzoeken. In de praktijk heeft de patiënt dan eigenlijk een vrijbrief om geweld te gebruiken tegen het personeel. Hulpverleners binnen de psychiatrie zijn onvoldoende beschermd,’ aldus Harte.

De Monitor, Agressie tegen hulpverleners in de psychiatrie, dinsdag 24 april op NPO2 om 21.25 uur. 

Bron: persbericht

Dit bericht is 20319 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail