Angstig karakter is indirect zichtbaar in de hersenen

Facebooktwitterlinkedinmail

25 april 2019 – Een angstig karakter kun je met vragenlijsten of een aandachtstaak vaststellen, maar nu ook indirect met een EEG-meting. De vaak afdwalende gedachten van angstige mensen zijn daarnaast herkenbaar in MRI-beelden. Deze en andere bevindingen deed klinisch neuropsycholoog Dana van Son. 

Angstige mensen hebben de neiging om sterk bedreigende situaties te vermijden. Ze kijken bijvoorbeeld snel weg als ze een plaatje zien met ernstig lichamelijk letsel. En zien dan sneller het puntje dat ze moeten signaleren dat onder één van twee plaatjes verschijnt. Klinisch neuropsycholoog Dana van Son deelde eerst haar proefpersonen met vragenlijsten en tests in als meer of minder angstig. Vervolgens liet ze hen de test met plaatjes en puntjes doen, waarbij van te voren een EEG van hun hersenen was gemaakt om hun hersenactiviteit zichtbaar te maken. In het EEG herkende Van Son dat vermijdende reactiepatroon. Zo koppelde Van Son de resultaten van vragenlijsten en aandachtstaken aan EEG- en fMRI-metingen.

Dwalende gedachten
‘Angst is moeilijk te begrijpen voor een ander’, zegt Van Son. De promovenda begon haar onderzoek met vragen over faalangst, maar dook uiteindelijk vooral in fenomeen van het angstige karakter. Angstige mensen focussen vaak te veel op hun angstige gedachten, wat hen belemmert een aandachtstaak optimaal uit te voeren. ‘Die gedachtendwaling tijdens een taak in de fMRI-scanner, leidde tot een zichtbaar afwijkend patroon in de fMRI-scans van de meer angstige mensen.’ Van Son vermoedt op basis van de EEG- en MRI-metingen dat de vermijding en gedachtendwaling samenhangen met de controlekamer in het brein: de prefrontale cortex.

Faalangst
Is het gebrek aan aandachtcontrole misschien fnuikend voor mensen met faalangst, vroeg Van Son zich vervolgens af. En zijn angstige gedachten daarbij belangrijk? ‘Bij faalangst gaat het vaak om cognitieve prestaties. Daarbij moet je focussen op de vragen, terwijl je wordt afgeleid door je eigen angstige gedachte: ik kan het niet.’

Training kan helpen
‘Je zou iemand met een angstig karakter kunnen helpen met aandacht- en angsttraining’, denkt Van Son. Ze zou graag verder onderzoeken hoe aandacht werkt bij mensen met een angstig karakter. Maar als postdoc doorpakken binnen een ander onderzoeksterrein dat sterk in ontwikkeling is, spreekt haar ook aan. Het liefst in het buitenland.

Bron: universiteitleiden.nl

Dit bericht is 1859 keer gelezen.

Facebooktwitterlinkedinmail